Home

Nieuws 3771 x bekeken 1 reactie

NVWA: schrijnende situatie op helft bokkenmesterijen

Op de helft van de tien Nederlandse bokkenmesterijen heersen schrijnende omstandigheden. Veel van de bedrijven hebben hoge uitvalspercentages, vaak boven de 20%.

Dit constateert de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) op grond van eigen bevindingen.

Vanwege het seizoensgebonden aanbod van nuchtere lammeren, staat een aantal mesterijen een deel van het jaar leeg. Daardoor ligt het totaal aantal in Nederland aanwezige mesterijen volgens de NVWA mogelijk hoger dan genoemde aantal.

De dienst startte dit voorjaar met extra welzijnscontroles. Aanleiding was het feit dat de geitenhouderij zich vooral richt op de melkproductie en dat bekend is dat het afmesten van geitenbokjes financieel een stuk minder interessant is. De vrouwelijke lammeren worden vrijwel allemaal ingezet als melkgeit, terwijl de ongeveer 75.000 bokjes worden afgemest op een bokkenmesterij of op het geitenbedrijf zelf.

Redenen voor hoge uitval

Uit de controles bleek dat vijf van de tien bokkenmesterijen hun zaken niet goed voor elkaar hadden. Deze bedrijven zijn op straffe van een boete gedwongen het dierenwelzijn te verbeteren of krijgen een proces-verbaal en een strafrechtelijke boete. Als redenen voor de hoge uitval noemt de NVWA stress door transport, hoge infectiedruk als gevolg van samenvoegen van jonge dieren van verschillende bedrijven en onvoldoende zorg voor de dieren.

Wat betreft zorg was er onvoldoende aandacht voor voeropname en werd antibiotica onthouden vanwege de lange wachttijd.

‘Het is aan de melkgeitenhouders om te zorgen voor de aanlevering van bokjes van onberispelijke kwaliteit’

LTO-vakgroepvoorzitter melkgeitenhouderij Jeanette van de Ven noemt de situatie zorgelijk. Het is volgens haar niet uit te legen dat het wel goed gaat met de afzet van geitenzuivel, terwijl de afzet van bokjes niet goed is geregeld. “Het is duidelijk dat we als sector aan de bak moeten.” Wel geeft ze aan dat het afmesten van geitenbokjes een lastige tak van sport is die economisch moeilijk is rond te rekenen. Daarbij zijn mesters voor een deel afhankelijk van hun uitgangsmateriaal. Het is volgens haar aan de melkgeitenhouders om te zorgen voor de aanlevering van bokjes van onberispelijke kwaliteit.

Afmesten weinig lucratieve bezigheid

Naar schatting van LTO mest zo’n 30 tot 35% van de ruim 260 melkgeitenbedrijven met meer dan 500 melkgeiten de eigen bokjes af. Het afmesten is echter een arbeidsintensieve en over het algemeen weinig lucratieve bezigheid. Als het meezit houdt een geitenhouder een paar euro per bokje over. Bij melkgeitenhouders die kiezen voor een bokkenmesterij, verlaten de bokjes volgens de NVWA binnen een week het bedrijf. De veehouder betaalt de bokkenmester € 4 tot € 6 per bok. Op de mesterij worden de bokjes in ongeveer vier tot vijf weken afgemest tot een gewicht van 8 tot 10 kilo, om vervolgens te worden geslacht.

NVWA in gesprek met sector

Het vlees van de bokjes is veelal bestemd voor de Zuid-Europese markt. Een aantal jaar terug werden de meeste lammeren nog levend vervoerd naar Zuid-Europa. Vanwege strengere transporteisen worden de meeste lammeren nu geslacht in Nederland, waarna de karkassen geëxporteerd worden.

De NVWA geeft aan met de sector in gesprek te gaan.

Eén reactie

  • farmerbn

    Ik praat niks goed maar wat is de biggen-uitval bij de biologische zeugenhouderij?

Of registreer je om te kunnen reageren.