Home

Nieuws 793 x bekeken

‘Europese richtlijn seizoenswerk heeft geen effect’

De implementatie van de Europese richtlijn voor toegang van mensen uit niet-EU-landen voor seizoensarbeid heeft geen gevolgen voor het Nederlandse beleid rondom seizoensarbeiders. Dat zei minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tijdens een debat over de richtlijn.

Nederland wil de richtlijn, die het mogelijk maakt om tewerkstellingsvergunningen te geven voor mensen uit de zogeheten derde landen, eigenlijk niet invoeren, maar is hiertoe verplicht door de Europese Unie. Daarom is besloten de richtlijn zo smal mogelijk in te voeren. In de regeling is opgenomen dat het alleen geldt voor seizoensarbeiders die werkzaam zijn in de land- en tuinbouw. “Maar in de praktijk heeft het geen effect. We hebben sinds 2011 geen tewerkstellingsvergunningen afgegeven voor deze mensen en dat gaan we de komende jaren ook niet doen, omdat er voldoende werknemers in Nederland en in de EU beschikbaar zijn”, zegt Asscher.

Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. - Foto: ANP
Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. - Foto: ANP

Meeste seizoensarbeid in landbouwsector

ChristenUnie-Kamerlid Carola Schouten vraagt zich af waarom de land- en tuinbouw dan toch is aangewezen als sector waarin deze mensen mogen werken. Dat is volgens Asscher gedaan omdat Nederland een sector moet aanwijzen en dan is de land- en tuinbouw de meest logische, omdat in deze sector in een ver verleden eens vergunningen zijn verleend en omdat seizoensarbeid in deze sector het meest voorkomt.
GroenLinks, PvdA en D66 willen niet dat de invoering van de richtlijn leidt tot oneerlijke concurrentie op de arbeidsmarkt. Asscher onderschrijft dit en houdt vast aan zijn eerder afgekondigde maatregel ‘gelijk loon voor gelijk werk’.

Vervolg op 9 mei

De minister komt op verzoek van de Kamer nog met uitleg of de regeling wel effect kan hebben als de Kamer bij meerderheid besluit om wél weer tewerkstellingsvergunningen af te gaan geven voor mensen uit derde landen. “Daar kom ik op terug. De discussie wordt te virtueel om daar nu antwoord op te geven”, zei Asscher in de Kamer. De Kamer stemt 9 mei over het wetsvoorstel.

Of registreer je om te kunnen reageren.