Home

Nieuws 3020 x bekeken laatste update:26 mei 2016

Van Dam pleit voor mineralenconcentraat als kunstmestvervanger

Martijn van Dam, staatssecretaris van Economische Zaken, gaat in Brussel pleiten voor het verlagen van het minimale stikstofgehalte voor erkenning van mineralenconcentraat als kunstmestvervanger.

Dat doet hij na vragen van VVD-Kamerlid Helma Lodders. Van Dam ziet zelf meer mogelijkheden om via derogatie mineralenconcentraat als kunstmestvervanger te mogen inzetten.
In de nieuwe Europese meststoffenverordening staat staat dat een meststof minimaal 2% stikstof moet bevatten om als vloeibare meststof te mogen worden aangemerkt. De mineralenconcentraten die in Nederland uit dierlijke mest worden gemaakt bevatten echter maar 1% stikstof, waardoor ze niet als kunstmestvervanger erkend kunnen worden.

Inzetten op derogatie

Nederland zet vol in op het erkennen van mineralenconcentraat als kunstmestvervanger, zegt Van Dam. Hij kiest echter liever voor de route van derogatie, omdat mineralenconcentraat vooral op de binnenlandse markt gebruikt zal worden. "Het bevat te weinig stikstof, waardoor het voor internationale handel minder interessant is", legt Van Dam uit tijdens een debat in de Tweede Kamer. Voor export zit er te veel water in het product, waardoor de transportkosten hoog zijn. Daarnaast moet het dan gehygiëniseerd worden. Daarom ziet Van Dam er niet veel in om de stof op te nemen in de nieuwe meststoffenverordening, waarin de erkenning voor meststoffen voor internationale handel wordt geregeld.

Derogatie mineralenconcentraat kost tijd

Van Dam laat weten dat een derogatie voor mineralenconcentraat nog wel tijd zal kosten. Het uitbreiden van de pilot met mineralenconcentraat, zoals eerde aangekondigd, gaat niet gebeuren. "Hiervoor geeft de Europese Commissie geen ruimte. We moeten inzetten op derogatie", aldus Van Dam.

Of registreer je om te kunnen reageren.