Home

Nieuws 2668 x bekeken 5 reacties

Diergezondheid achilleshiel Nederlandse veehouderij

Noordwijk – Diergezondheid en de link met humane gezondheid vormen de achilleshiel van de Nederlandse veehouderij en bedrijven die daarvan afhankelijk zijn. Dat zei hoofd veterinaire zaken Christianne Bruschke van het Ministerie van Economische Zaken.

Bruschke begon haar presentatie tijdens de AgriVision-conferentie die Nutreco organiseert, met het opsommen van getallen. Nederland telt 3,9 miljoen runderen, 12 miljoen varkens, 1,5 miljoen schapen en geiten, 100 miljoen kippen en dan ook nog 900.000 vleeskalveren en 500.000 paarden. "En die delen een klein land met 17 miljoen mensen." Nederland geldt daardoor als 'hot spot' voor een groot aantal dierziekten; een continue bedreiging die eerder meer dan minder aandacht vraagt.

Nederland is voorbeeld

De problemen blijven niet tot Nederland alleen beperkt. Nederland moet proberen model te staan voor andere landen, aldus Bruschke, omdat door globalisering dierziekten gemakkelijk de wereld over reizen. "Wat betreft antibiotica heeft Nederland veel succes gehad. Met alle diersoorten is veel winst geboekt bij het terugdringen van het antibioticagebruik, dat kan leiden tot resistentie bij mens en dier."

Verantwoordelijkheden

De Nederlandse aanpak karakteriseert zich door zelfregulering, transparantie, onafhankelijke monitoring en benchmarking. In veel landen wordt met name kritisch gekeken naar zelfregulering, maar het is volgens Bruschke het beste als de verantwoordelijkheid daar wordt gelegd 'waar ze thuishoort'.

 

Antibiotica

De groei van de veestapel ligt echter voor een deel ergens anders, onder meer in India en China. Hier wordt nog veel antibiotica toegepast omdat men ervan overtuigd is dat inzet bij intensieve productie noodzakelijk is. De resistentie die daar ontstaat, reist ook de wereld over en dus moet antibiotica wereldwijd worden aangepakt. Bruschke put hoop uit het feit dat de G7 van machtige economieën zich recent uitsprak voor de aanpak van antibiotica.

Geen bulkproductie

Bruschke zei ook dat een hoogwaardige veehouderij alleen kan groeien wanneer wordt afgestapt van bulkproductie. Wanneer meer waarde wordt toegevoegd, moet deze eerlijk over de schakels worden verdeeld. De margeverdeling is geen overheidstaak, aldus Bruschke.

Laatste reacties

  • Burnetti

    '...En die delen een klein land met 17 miljoen mensen.' Nederland geldt daardoor als 'hot spot' voor een groot aantal dierziekten; een continue bedreiging die eerder meer dan minder aandacht vraagt...'

    Moedige uitspraak nadat Q-koorts is teruggedrongen door vaccinatie en vogelgriep uitbraak is gestopt.
    Het zou goed zijn als Boerderij samenvat waarin Bruschke de risico's ziet.

  • leftturn

    weer een mens die een mening geeft ipv wetenschappelijk beeld schetst. met het huidig antibiotica gebruik in verre oosten in combinatie met veel mensen, kippen, varkens op een km2 en ook nog allemaal lekker door elkaar, is in feite de ramp niet te overzien. het is niet de vraag of er mutaties optreden maar wanneer deze gevaarlijk worden.
    dan is het in NL gewoon perfect geregeld.

  • joannes

    Een beetje naïf en te veel uit de boeken! Heeft ze wel eens een feedlot gezien in de US of Argentinië! En de kostprijzen voor dat vlees! En een voorstelling voor wanneer dat naar kleinschaligheid terug moet? Wat de consument dan gaat betalen aan extra logistieke en product kosten? De economie op zijn kop! En dat in NL waar alles nog kleinschalig georganiseerd is en, dankzij relatief korte afstanden, behoorlijk functioneerd! 

  • koestal

    Hier is een boer elke dag mee bezig,zij kan op afstand daar makkelijk iets over zeggen,maar het zijn de dagelijkse zorgen van de boer

  • Elevage

    India en China zijn nou niet bepaals landen om met Nederland te vergelijken. Als ze in die landen eerst eens de regels toepasse zoals wij hier, dan zijn we al een hele stap verder! Hygiene speelt ook een zeer grote rol en die is daar niet altijd te vinden......

Laad alle reacties (1)

Of registreer je om te kunnen reageren.