Home

Nieuws 1678 x bekeken

'Rijk heeft geen prijsopdrijvend effect bij grondvergoeding windmolens'

Den Haag – Het Rijk heeft geen prijsopdrijvend effect als het gaat om pachtprijzen voor de grond onder windmolens. Dat zegt minister Henk Kamp van Economische Zaken tijdens een debat in de Tweede Kamer.

"Het Rijk zit onder het gemiddelde bij de pachtprijzen voor deze grond", zegt Kamp in reactie op vragen van Groenlinks-Kamerlid Liesbeth van Tongeren. De minister erkent dat de hoge pachtprijzen voor windmolens een punt van aandacht zijn. "Maar ik heb recent de prijzen die in Nederland worden betaald vergeleken met de prijzen in Duitsland. Deze blijken vergelijkbaar. Niettemin zijn de prijzen hoog en moeten deze dalen", vindt Kamp. Hier wordt aan gewerkt door het subsidiabele bedrag voor de SDE+-subsidie voor windenergie te verlagen met 10 procent. Ook verwacht Kamp dat de marktwerking effect zal hebben op de pachtprijzen voor windmolens.
Van Tongeren wijst op een onderzoek waaruit blijkt dat de pachtprijs voor grond onder windmolens tien keer hoger is dan de pachtprijs voor een kolencentrale.  Kamp vindt deze vergelijking onterecht. "Deze  vergelijking is niet terecht. Het is logisch dat een boer geen windmolen op zijn land wil voor de prijs van industrieterrein", aldus Kamp, die opnieuw benadrukt dat het Rijk de prijs niet opdrijft.

Uit de tarieven van het Rijksvastgoed en Ontwikkelingsbedrijf (ROVB) over vergoedingen voor grond blijkt dat exploitanten van windturbines betalen particuliere grondeigenaren voor iedere windmolen elk jaar tussen de 35.000 en de 50.000 euro pacht. Het gaat om langdurige contracten voor vijftien tot twintig jaar.

De gemiddelde grondvergoedingen aan het rijksgrondbeheer zouden sinds 2009 hoger liggen dan aan particuliere grondeigenaren, waar in dit onderzoek ook gemeenten onder vallen. Hierdoor zouden de kosten van windenergie onnodig hoog zijn.

Of registreer je om te kunnen reageren.