Home

Nieuws 1193 x bekeken

Opslag energie uitdaging voor toekomst

Klazienaveen - Duurzame energie via zonnepanelen en windmolens wordt langzamerhand steeds gewoner op de boerenbedrijven. Hoewel het soms lastig is om bij provincie of gemeente plaatsen van duurzame energie opwekkende methoden vergund te krijgen neemt het aantal bedrijven met met name zonnepanelen steevast toe. De bedrijven die dat doen wekken een bepaalde hoeveelheid stroom op waarvan ze de piek niet altijd direct nodig hebben. Vaak wordt dat terug geleverd op het net.

Daarom ligt de uitdaging in opslag van de energie zodat die op een later tijdstip gebruikt kan worden. Dat zei Piotr Pukala van ECN (Energieonderzoek Centrum Nederland) tijdens de opening van het grootste Nederlandse agrarische duurzame energieproject. Firma GroenLeven plaatste maar liefst bijna 4.600 zonnepanelen, goed voor een oppervlakte van bijna een hectare bij akkerbouwbedrijf Landgoed Scholtenszathe in Klazienaveen-noord. De installatie is goed voor het opwekken van 1,3 megaWatt aan energie.

Waar volgens Pukala de opslag de toekomst is, gaf hij ook gelijk aan dat de huidige technische mogelijkheden voor opslag nog te duur zijn om opslag in een rendabele businesscase te rekenen. Het zal zeker nog een aantal jaren duren voor de technische installaties zo verbeterd zijn en dat ze een prijs kennen dat het wel rendabel te rekenen is.

Bastiaan Knoors van Liandon, dat oplossingen biedt voor complexe infrastructuren, geeft na gezamenlijke studie met GroenLeven aan dat er ook zeker kansen zijn voor de combinatie van zonne- en windenergie. Wie een windinstallatie heeft kan de productie ervan makkelijk verdubbelen met energie uit zonnepanelen zonder dat er een zwaardere aansluiting nodig is. Vaak wordt geadviseerd om een zwaardere aansluiting te nemen wat zo duur is dat de rendabiliteit van het nieuw aan te schaffen deel van de installatie onder druk komt. Maar volgens Koorn kan het prima op de bestaande aansluiting. Want het komt bijna nooit voor dat de zonne-energieproductie maximaal is samen met maximale productie van windenergie. De opwekking van zonne-energie is het hoogst in de maanden april tot en met september. Volgens tienjarige meteorologische gemiddelden zijn juist de maanden september tot en met maart de maanden met de meeste wind. De twee systemen vullen elkaar dus aan en bij een aansluiting van 50 procent van de gezamenlijke piekopbrengst wordt op jaarbasis maar vier procent van de totale energie onbenut. Liandon en GroenLeven zoeken nog bedrijven die deze theorie in de praktijk willen testen. Agrarische bedrijven zijn daar bij uitstek geschikt voor.

Of registreer je om te kunnen reageren.