Home

Nieuws 1683 x bekeken 7 reacties

Tijdelijke versoepeling antibioticagebruik bij knelgevallen

Den Haag - Veehouders mogen voor een beperkt aantal aandoeningen onder voorwaarden ook tweede keus-antibiotica op voorraad hebben. Dat hebben staatssecretaris Sharon Dijksma (landbouw) en minister Edith Schippers (volksgezondheid) besloten.

Het gaat om middelen tegen mastitis bij runderen, neonatale diarree bij kalveren op melkveebedrijven, luchtwegaandoeningen, enteritis en arhritis bij vleeskalveren en  neonatale diarree, speendiarree door E. coli, en meningo-encephalitis door Streptococcus suis bij varkens.

Alle antibiotica mogen nu al uitsluitend na diagnose en op voorschrift van een dierenarts worden gebruikt. De dierenarts moet dat altijd kunnen onderbouwen.  In de UDD (uitsluitend door dierenarts) –regeling hebben alle antibiotica de UDD-status. Toediening mag dus alleen door de dierenarts. Hierop wordt wel een uitzondering gemaakt. Veehouders met een een-op-een-relatie met de dierenarts, een bedrijfsgezondheidsplan en een bedrijfsbehandelplan mogen het middel wel zelf toedienen. Alle gebruik van antibiotica moet door de dierenarts worden gedocumenteerd.

De veehouder mag onder deze voorwaarden ook een beperkte hoeveelheid eerstekeus-antibiotica op voorraad hebben, voor het behandelen van individuele dieren. Ook hier geldt dat de dierenarts het gebruik moet kunnen onderbouwen. Er mag nooit meer medicatie op een bedrijf aanwezig zijn dan nodig om 15 procent van de vatbare dieren te behandelen.

Voor de elf genoemde aandoeningen geldt voor de komende twee jaar een uitzondering:  Hiervoor mogen ook tweede keus-antibiotica voorradig zijn op het bedrijf. De ziekten zijn aangemerkt als knelgevallen. De alternatieve middelen komen de gezondheid en het welzijn van de dieren ten goede. De ontheffing geldt voor twee jaar. In deze periode moet de sector de behoefte aan deze tweedekeus-middelen terugdringen, zodat de uitzondering niet meer nodig is. Na een jaar wordt de uitzonderingsregel geëvalueerd.

De dierenarts schrijft alleen tweedekeus-middelen voor bij een zeer beperkte groep dieren, waarvoor het gebruik kan worden onderbouwd.

Laatste reacties

  • trijnie

    En zo blijft iedere vlees en zuiveleter antibioticum slikken?
    Als ik het wel heb?

  • jordi 1455

    Trijnie de dieren die antibioticum krijgen toegediend krijgen mogen de producten een bepaalde tijd na het toedienen niet geleverd worden.

  • j.verstraten1

    trijnie, zuivel is altijd 100% antibiotica vrij. Is nl. een vloeistof en dus makkelijk te controleren, áls het erin zit, zit het overal en controle is relatief goedkoop. Elke vrachtauto met melk van de boerderij heeft al een grove test gedaan over de inhoud voordat op de fabriek gelost wordt. Wanneer deze positief is, dan word die nl. apart gelost zodat er niet nóg meer melk met antibiotica vermengd word.
    Vlees is lastiger dan zit je toch met steekproeven.
    Let wel, uit het oogpunt van dierenwelzijn is het niet de bedoeling om antibiotica helemaal te weren. Een ziek dier moet toch de kans krijgen om te genezen?

  • somporn

    Plofkip is niet goed,veel dieren in een hok mag niet,jaarrond op stal niet.
    Noem maar op waar wakker dier niet tegen aantrapt.
    Maar als een dier ziek is kun je hem beter laten creperen dan een medicijn toe dienen.Volgens mij zijn ze in NL helemaal van de pot gerukt en het gezond verstand is in rook opgegaan.

  • Evert1

    de mensen nemen wel pilletje extra haha. dozen vol slepen ze weg bij apotheek

  • Gullef

    ja en dat komt allemaal in het afvalwater dus op de waterzuivering en dus ook op het oppervlakte water en weer terug in de kraan en ook zo is de kringloop weer rond

  • trijnie

    Bedankt, Jordi en ver straten voor de info. Is toch plezierig om te weten.
    Natuurlijk moet een ziek dier behandeld worden.
    Maar ik heb ook wel eens gelezen dat er in het voer al bij voorbaat antibioticum zit. Wij hadden indertijd kippen en konijnen en in dat voer zat het ook in. Alleen waren we toen niet wijzer.

Laad alle reacties (3)

Of registreer je om te kunnen reageren.