Home

Nieuws 495 x bekeken

Restitutie-kwestie voorgelegd aan Europese rechter

Den Haag – Het Europese Hof van Justitie in Luxemburg moet uitsluitsel geven over de vraag of het Productschap Vee en Vlees terecht de restitutie voor de export van een lading runderen heeft geweigerd.

Het College van Beroep voor het Bedrijfsleven oordeelde vorige week dat zowel de ondernemer als het productschap een punt hebben en dat uit de Europese regelgeving niet duidelijk wordt wie er gelijk heeft.

Het gaat over de export van een lading runderen in oktober 2009 naar Rusland. De exporteur heeft aangifte ten uitvoer gedaan, voordat het uitvoercertificaat was afgegeven, zegt het productschap. Volgens het productschap bestaat er daarom geen recht op restitutie.

Het Tilburgse advocatenkantoor Linssen, de gemachtigde van de exporteur, stelt daartegenover dat niet de datum van de aangifte ten uitvoer bepalend is, maar het moment waarop de export feitelijk plaatshad. De dieren verlieten de Europese Unie op een moment dat er een geldig uitvoercertificaat was. Daarom bestaat er gelet op de doelstelling van de Europese regelgeving recht op restitutie, zegt Linssen.

Beide standpunten zijn juridisch te onderbouwen, vindt het College van Beroep voor het Bedrijfsleven. Daarom moet de Europese rechter uitsluitsel geven. Dat kan zeker een jaar duren. Ondertussen moet de exporteur wachten op de restitutiegelden van enkele tienduizenden euro’s.

Of registreer je om te kunnen reageren.