Home

Nieuws 462 x bekeken

PBL: Omgevingswet vormt meer risico voor natuur en milieu

Den Haag - De voorgestelde nieuwe Omgevingswet levert per saldo meer risico’s op voor de milieu- en natuurbescherming. Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in een rapport over de gevolgen van de nieuwe Omgevingswet.

De risico’s voor milieu- en natuurbescherming komen vooral door de manier waarop de extra ruimte voor ontwikkelingen wordt gegeven, in combinatie met de beperkingen aan de procedure voor de milieueffectrapportages (MER).

De Omgevingswet is een nieuwe wet waarin wetten gericht op de omgeving, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de Wet ruimtelijke ordening (Wro), de Woningwet, de Waterwet, de Natuurbeschermingswet 1998 en de Flora- en faunawet zijn opgenomen. Doelstelling van de regering is dat de wet een gelijkwaardig beschermingsniveau voor milieu en natuur geeft in vergelijking met de wijze waarop het nu geregeld is. De Omgevingswet zoals deze nu voor ligt vormt de kaders, de concrete invulling moet nog komen via een Algemene Maatregel van Bestuur. Dit zal uiteindelijk ook bepalend zijn voor de feitelijke bescherming van milieu en natuur.

PBL vindt dat de Omgevingwet aansluit bij de maatschappelijke behoefte aan meer flexibiliteit en integraliteit in het omgevingsbeleid. Bovendien is er nu een eenduidige aanpak voor het oplossen van de problemen in de leefomgeving. Dit biedt kansen voor de bescherming van milieu en natuur.

De geboden flexibiliteit is ook een risico voor de natuurbescherming, omdat er meer mogelijkheden zijn om af te wijken van milieu- en natuurregelgeving. De wet stelt minder eisen aan welke gebiedsontwikkelingen wel en niet worden toegelaten en het biedt minder garanties bij eventuele negatieve natuur- of milieueffecten. PBL vindt dat de geboden flexibiliteit door gebrek aan sturing vanuit het beleid het doel van duurzame ontwikkeling onvoldoende stimuleert. Het is volgens PBL onvermijdelijk dat sommige ruimtelijke ontwikkelingen op gespannen voet staan met milieu- en natuurbescherming. Vooral de stapeling van de mogelijkheden voor flexibiliteit en de beperkingen van de eisen aan de MER-procedures vormen een risico voor natuur en milieu. Zo zal de toets naar alternatieven met minder milieueffecten binnen de MER minder vaak worden gedaan en ook zijn de mogelijkheden voor maatschappelijke participatie verminderd. Ook de verplichte onafhankelijke kwaliteitstoets van de MER komt te vervallen.

PBL deed het onderzoek in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, nadat D66-Kamerlid Stientje van Veldhoven hierom had gevraagd. De Omgevingswet is in behandeling in de Tweede Kamer.

Of registreer je om te kunnen reageren.