Home

Nieuws 1086 x bekeken 1 reactie

Structurele aandacht nodig voor werken met mest

Soest - Agrarische opleidingen en brancheverenigingen moeten structureel aandacht hebben voor werken met mest. Dat stelt een werkgroep van siloreinigers, silo-inspecteurs en veiligheidsdeskundigen van brandweer en industrie bij een leidraad voor veilig werken in mestopslagen.

Volgens de werkgroep is het niet te verklaren dat elke boer periodiek scholing moet volgen om zijn spuitlicentie te behouden "voor het toepassen van zelfs het kleinste beetje bestrijdingsmiddelen, maar dat er geen verplichting bestaat voor het volgen van scholing met betrekking tot het veel grotere en breder verspreide gevaar van mestgassen", aldus de werkgroep in een voorwoord bij de Leidraad Veilig Werken in Mestopslagen.

De maandag verspreide leidraad heeft als uitgangspunt dat mestopslagen niet worden betreden. "Doe werkzaamheden indien mogelijk altijd vanaf buiten. Als het betreden van een mestopslag onvermijdelijk is, omdat sommige werkzaamheden alleen vanuit de opslag kunnen gebeuren, dan kan dit alleen verantwoord worden gedaan als er uitgebreide veiligheidsmaatregelen kunnen worden getroffen", aldus de opstellers van de leidraad.

De leidraad geeft 51 aandachtspunten die betrekking hebben op de voorbereiding van de werkzaamheden, de te gebruiken hulpmiddelen, de manier van werken en de kwalificaties van het personeel dat het werk uitvoert.

Een van de uitgangspunten is dat bij windstil weer (minder dan windkracht 3, of bij onweer, of bij een hogere temperatuur dan 28 graden) geen werk in mestopslagen moet worden uitgevoerd. Verder geeft de leidraad aan welke afspraken moeten worden gemaakt voor aanvang van de werkzaamheden.

De werkgroep is in het leven geroepen na het ongeluk in Makkinga, waar bij reinigingswerkzaamheden in een mestsilo drie mensen om het leven kwamen en een vierde ernstig gewond raakte.

Eén reactie

  • sjoerddehoop1

    Het is van groot belang dat er onderzoek komt naar de oorzaken van het ontstaan van de gevaarlijke mestgassen. Er is al veel ervaring met mesttoevoegmiddelen op basis van bacteriepreparaten om mest beter te laten rijpen in plaats van rotten. Er verdwijnt dan minder ammoniak en methaan en lachgas uit de mest en daarnaast ontstaat er minder giftige gassen waaronder het gevaarlijke zwavelwaterstof ( H2S) en blauwzuurgas. Je kunt ook denken aan mestscheiding, dan is de emissie ook veel minder.

    Naast de veiligheidsregels zou ook het voorkómen van mestgassen een hoge prioriteit moeten hebben. Jammer dat zoiets niet bij de aanbevelingen is meegenomen.

Of registreer je om te kunnen reageren.