Home

Nieuws 1089 x bekeken 2 reacties

PBL: risico op te weinig mestverwerking

Den Haag – In 2015 is er mogelijk te weinig mestverwerkingscapaciteit voor de jaarlijks te verwerken hoeveelheid mest. Dat blijkt uit een studie van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en de Wageningen UR, die donderdag wordt gepubliceerd. Dit kan ertoe leiden dat productierechten langer behouden moeten blijven en dat melkveerechten worden ingevoerd.

Staatssecretaris Sharon Dijksma (landbouw) heeft aangeven op basis van dit rapport een besluit te nemen over de toekomst van de dierrechten. Ze zal naar verwachting donderdag het kabinetsstandpunt over de toekomst van de productierechten bekendmaken. Dijksma heeft altijd aangeven de dierrechten te willen schrappen, maar dat daarvoor wel voldoende mestverwerking moet zijn om dit op een verantwoorde wijze te doen.

PBL en Wageningen UR onderzochten de gevolgen van de nieuwe mestverwerkingsplicht bij behoud van dierrechten en bij het afschaffen van dierrechten. Wanneer de begrenzing van de veestapel wordt losgelaten is er voor maximaal 9 miljoen kilo fosfaat te weinig mestverwerking in 2020. Met behoud van dierrechten bestaat een tekort aan mestverwerking voor maximaal 3 miljoen kilo fosfaat, concluderen PBL en WUR. Bij afschaffen van dierrechten moet dus 6 miljoen kilo meer fosfaat verwerkt worden.

Vanaf 2015 zal de hoeveelheid mest die verwerkt moet worden toenemen. Niet zozeer door de groei van de veestapel, die wordt gecompenseerd door voermaatregelen, waardoor de fosfaatuitstoot vrijwel gelijk blijft. Wel vanwege de aanscherping van de gebruiksnormen. Hierdoor is er minder plaatsingsruimte voor dierlijke mest op de Nederlandse percelen. PBL voorziet het risico dat er niet voldoende mestverwerking van de grond komt. Onzekerheden over vergunningverlening en de financiering voor mestverwerking spelen hierbij een belangrijke rol.

De berekeningen van PBL en WUR komen anders uit dan de berekeningen die de agrarische sector maakte in het rapport 'Koersvast naar 2020', waarin de sector constateert dat er wel voldoende mestverwerking van de grond komt. De sector gaat uit van een grotere mestplaatsingsruimte in de landbouw dan PBL en WUR. De onderzoekers berekenden dat de plaatsingsruimte voor fosfaat zal dalen tot 110 tot 120 miljoen kilo fosfaat in 2020. De plaatsingsruimte in 2011 was 134 miljoen kilo fosfaat. Koersvast gaat uit van gelijkblijvende plaatsingsruimte.

Daarnaast is Koersvast positiever over de realisatie van mestverwerking. Terwijl PBL denkt dat er in 2015 mestverwerkingscapaciteit is voor 17 miljoen kilo fosfaat gaat Koersvast uit van 29 miljoen kilo fosfaat mestverwerking (dit exclusief pluimveemestverwerking). Het verschil komt vooral doordat PBL en WUR er rekening mee houden dat een deel van de plannen voor mestverwerking niet gerealiseerd kan worden in verband met problemen met vergunningverlening of financiering.

Laatste reacties

  • John*

    volgens mij zijn ze in dit rapport ook het pluimveemestgat vergeten mee te nemen. helaas kan je in een paar weken tijd geen nieuw rapport uit de mauw schudden!

  • RSommers

    Financiering komt natuurlijk niet rond zolang de mestverwerkingsplicht niet definitief is en zolang de genoemde dierrechten boven de sector hangen. Banken gaan niet opnieuw geld in mestverwerkingsprojecten stoppen die op de lange termijn geen bestaansrecht hebben of krijgen.
    Is het rapport alleen gebaseerd op de genoemde conclusies of is ook de oorzaak van deze conclusies meegenomen?

Of registreer je om te kunnen reageren.