Home

Nieuws 1541 x bekeken laatste update:1 aug 2014

Yara-directeuren verdacht van grootschalige corruptie

Oslo – Twee leden van het topmanagement van kunstmestproducent Yara International worden door de Noorse anticorruptie-autoriteit Oekokrim verdacht van grootschalige corruptie.

De twee waren betrokken bij financiële onregelmatigheden bij een joint-venture van Yara in Libië en projecten in India. Yara, de grootste producent van kunstmest op basis van stikstof, bracht de onregelmatigheden bij de autoriteiten aan. Na de bekendmaking is het aandeel Yara gekelderd tot het laagste niveau van 2012, waarmee meer dan 700 miljoen euro aan beurswaarde is verdampt. Topman Jorgen Ole Haslestad heeft verklaard verrast te zijn dat leden van de hoofddirectie betrokken blijken te zijn, en zegt dat Yara het onderzoek blijft steunen.

De verdachten zijn Hallgeir Storvik, financieel directeur en hoofd strategie, en Tor Holba, directeur van de divisie die kunstmest maakt. Storvik wordt gezien als één van de grondleggers van Yara. Storvik maakte de kunstmestdivisie van het toenmalige Norsk Hydro weer gezond door de vaste lasten van de divisie met 35 procent omlaag te brengen. De divisie, Hydro Agri, werd in 2004 afgesplitst en als Yara naar de beurs gebracht. De Noorse staat geldt als grote aandeelhouder in het bedrijf, dat de laatste jaren enkele malen een overname zag mislukken.

De Libische fabriek, deels eigendom van de toenmalige Khadaffi-regering had voor de burgeroorlog een productiecapaciteit van 900.000 ton ureum en 700.000 ton ammoniak per jaar, wat gelijk stond aan 2,5 procent van het totale verkoopvolume. De fabriek viel, mogelijk om belastingtechnische redenen, onder de Nederlandse BV van Yara, die ook een fabriek in Sluiskil behelst.

Of registreer je om te kunnen reageren.