Home

Nieuws 676 x bekeken

Bodem en water lijden onder zink- en koperaanvoer

Wageningen - Verlaging van koper en zink uit de veehouderij is hard nodig om straks niet met een gigantisch milieuprobleem te zitten. Dat zei Paul Römkens van Alterra (onderdeel van Wageningen UR) op een bijeenkomst van het Productschap Diervoeder.

Römkens deed samen met Luc Bonten van Alterra onderzoek naar de effecten van zink en koper uit de veehouderij op de bodem en het oppervlaktewater. Voor zowel zink als koper geldt dat er meer van wordt aangevoerd in de bodem en aan het oppervlaktewater dan dat er kan worden afgevoerd middels opname door planten. Dit verontreinigd het milieu.

De onderzoekers van Alterra hebben berekend wat er met de gehaltes in de bodem gebeurt als er niets wordt gedaan aan de gehaltes zink en koper en wat er gebeurt als er maatregelen worden genomen. Uit de berekening blijkt dat als er niets wordt ondernemen de koper en zinkgehaltes in de bodem in het jaar 2100 ruim worden overschreden. Door de aanvoer van koper en zink terug te drinkgen kan volgens het model de toename van de kopergehaltes in de bodem in 2100 met 50 procent worden gereduceerd. Voor zink geldt dat er een standstill of zelfs een lichte daling in de gehaltes kan worden gerealiseerd in 2100.

Het verminderen van de uitspoeling van zink en koper naar het oppervlaktewater in 2100 is echter alleen mogelijk als er een pallet aan maatregelen worden genomen. Volgens Römkens is dierlijke mest de grootste boosdoener. “Sinds 1996 zijn de gehaltes van zink en koper in mest niet afgenomen. Uitgaande dat mest voor meer dan 80 procent verantwoordelijk is  voor de aanvoer van zink en mineralen in het milieu moeten we dit echt aanpakken. Ook moet er gekeken worden of de gehaltes van zink en koper in het veevoer naar beneden kunnen. Dit kan bijvoorbeeld door deze te vervangen met organische bronnen van zink en koper die beter beschikbaar zijn voor de dieren”, aldus Römkens.

Of registreer je om te kunnen reageren.