Home

Nieuws 304 x bekeken

’Onderscheid maken tussen soorten fijnstof’

Sevenum – Er zou in het beleid rond fijnstof meer onderscheid moeten worden gemaakt tussen de verschillende soorten fijnstof.

Dat zei professor Dick Heederik van de Universiteit Utrecht tijdens de jaarvergadering van LLTB vakgroep Pluimveehouderij.

Heederik wees erop dat het fijnstof uit de intensieve veehouderij heel anders van karakter is dan het fijnstof uit verkeer en industrie. In het beleid worden ze echter over één kam geschoren en wordt alles opgehangen aan de eigenschappen van het industriële fijnstof die goed bekend zijn.
Het fijnstof uit de veehouderij afkomstig van voer, uitwerpselen en strooisel bestaat uit grotere deeltjes die vooral neerslaan binnen een straal van 50 tot 100 meter, zo stelde Heederik. Bij industrieel en verkeers-fijnstof heb je het over veel grotere verspreidingsgebieden en ook de gezondheidsrisico's zijn heel anders. Te denken valt aan hart- en vaatziekten en longkanker. Bij fijnstof uit de veehouderij is het grootste risico waarschijnlijk de verspreiding van micro-organismen die soms een zoönose zouden kunnen veroorzaken en acute klachten van de luchtwegen.
In de afweging van de risico's wordt tot nu toe weinig tot geen rekening gehouden met de aard van fijnstof en de verschillen tussen de soorten. Dat zou tot beter maatwerk kunnen leiden in de ruimtelijke ordening.
In een reactie zegt Jos Mans van de LLTB-vakgroep erop aan te willen dringen bij de beleidsmakers om meer metingen te doen aan de verspreiding en de risico's van veehouderijfijnstof.

Of registreer je om te kunnen reageren.