Home

Nieuws 119 x bekeken

Transgene mais tast bodemschimmels niet aan

Amsterdam – Transgene mais lijkt geen risico te vormen voor nuttige bodemschimmels. Of dat ook voor andere transgene gewassen geldt, moet per geval worden onderzocht. Dat blijkt uit het promotieonderzoek van ecoloog Erik Verbruggen aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Verbruggen onderzocht wat de mogelijke risico’s zijn van genetisch gemanipuleerde (GM) gewassen op de bodemschimmels. Daarbij keek hij met name naar de schimmel Arbusculairemycorrhiza (AM), die met bijna alle landbouwgewassen leeft. Deze schimmels groeien vanuit de plantwortels de bodem in, waardoor planten beter voedingsstoffen kunnen opnemen en daardoor meestal beter groeien.


Eerst vergeleek Verbruggen van 23 biologische akkers en 23 gangbare akkers met maïs en aardappelen de samenstelling van de AM-schimmels. Met behulp van DNA-analyse kwam Verbruggen in totaal veertig schimmelsoorten op het spoor. Het gemiddelde aantal schimmelsoorten was het hoogst op biologische akkers, maar de variatie bleek groot.


Nadat de schimmelsamenstelling onder verschillende omstandigheden bekend was, ging Verbruggen op zoek naar eventuele afwijkingen als gevolg van GM-gewassen. In een plantenkas verbouwde hij gewone maïs en Bt-mais: een transgene maïssoort die een soort insectengif aanmaakt. Toen hij de schimmels in de bodem rondom de Bt-mais vergeleek met die van gewone mais, vond hij geen belangrijke verschillen. Het lijkt er daarom op dat Bt-mais de bodemschimmels niet verstoord.


Dat betekent niet dat andere GM-gewassen dat ook niet doen. ”Ik zeg dus altijd maar: je moet testen. Van elk gewas met een nieuwe eigenschap moet je grondig testen of er bijeffecten zijn die een risico kunnen vormen voor de ecologie.”


Verbruggen deed zijn onderzoek in het kader van het Rijks-onderzoeksprogramma EcologyRegardingGeneticallymodifiedOrganisms (Ergo).

Eric Boekel

Of registreer je om te kunnen reageren.