Home

Nieuws 521 x bekeken 1 reactie

‘Exportpositie agribusiness onder druk’

Amsterdam – De uitvoer van agrarische producten uit Nederland neemt nog jaarlijks toe, maar de exportmachine hapert. Een steeds groter deel van de uitvoer betreft doorvoer en het imago van de Nederlandse voedingsproducten is in buurlanden niet heel goed. Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen UR, uitgevoerd in opdracht van ABN Amro en de brancheorganisatie van voedingsproducenten, FNLI.

Het exportsucces is volgens het rapport deels schijn. Van de agrarische producten die Nederland consumeert en exporteert kwam in 1995 20 procent uit het buitenland. Dit percentage is opgelopen tot 35 procent. De wederuitvoer groeit jaarlijks circa 10 procent, terwijl de export van Nederlandse producten slechts gemiddeld 3,3 procent groeit.
De concurrentiekracht Nederland met houdbare producten staat meer onder druk dan met verse producten. Nederland verliest in zijn veruit belangrijkste afzetregio, Europa, marktaandeel. In 1995 was Nederland goed voor 9 procent van de afzet, nu is dat 8 procent. In Duitsland, België en Frankrijk daalt het Nederlandse marktaandeel langjarig. Samen zijn de markten goed voor 46 procent van de voedseluitvoer, oftewel 28 miljard euro.
De oorzaak ligt in de kwaliteit en het imago van Nederlandse producten. Volgens onderzoek in Beieren wordt Nederlandse productie geassocieerd met snel en volgens de afspraken geleverd tegen een goede prijs, maar ook met industriële productie. Voor hoogkwalitatieve voeding wijkt men uit naar Frankrijk of Italië.
De Nederlandse agribusiness is wel gegroeid in het Verenigd Koninkrijk, maar bouwt daarnaast vooral posities op in opkomende markten zoals Turkije, India en China. Deze afzet compenseert echter het verlies in marktaandeel in Europa volgens de rapporteurs niet. Uitzondering is de categorie uitgangsmaterialen, zoals pootaardappelen, bollen en zaden, waarmee Nederland wereldwijd en in Europa weet te groeien.
Sectorbankier van ABN Amro Niels Dijkman denkt dat voedingsbedrijven kunnen profiteren van de groeiende behoefte aan 'lokale productie voor lokale afzet' door in het buitenland te produceren, maar voor primaire producenten is uitbreiding niet eenvoudig. Tevens zou Nederland op groei kunnen mikken in Midden-Europa, waar de Nederlandse kwaliteit meer wordt gewaardeerd. Nederlandse bedrijven kunnen zich volgens FNLI-directeur Philip den Ouden organiseren in netwerken om markten te veroveren.

Eén reactie

  • politiek

    Als ik dit bericht lees , dan is het ook helemaal niet vreemd dat het woord landbouw is verdwenen uit ministerie van ... en staatssecretaris van.... Het betreft steeds meer de invoer en doorvoer van (afval)producten omgezet naar vlees,melk en eieren Terecht bij economische zaken ondergebracht dus. Gedirigeerd door de grote agro-industrie. Of de gewone boer hier zo blij mee moet zijn . ? Ik denk het niet . Ik denk dat ze ook doodgewoon slachtoffer zijn en anders wel gaan worden. Mogelijk kan het huidige kabinet een splitsing aanbrengen in die economische handelsbalans van die mega-industrie en de gewone landbouw. Het boerenbelang dus.

Of registreer je om te kunnen reageren.