Home

Nieuws 370 x bekeken

Water en grond beperken voedselproductie

Leende - Gebrek aan water in productiegebieden wereldwijd is één van de grootste bedreigingen voor de agrarische sector.

Dat stelde Cees Veerman, voormalig minister van landbouw op een bijeenkomst van beleggingsmaatschappij ASR in Leende, afgelopen donderdag. "Het lijkt of er genoeg water is in de wereld, maar dat is gezichtsbedrog", aldus Veerman. De temperatuur op aarde stijgt. Dat heeft gevolgen voor de hoeveelheid regen in de wereld. Kachastan, Brazilië en Turkije zijn productiegebieden waar men verwacht dat er de komende jaren 10 procent minder regen gaat vallen. Ook Zuid-Europa krijgt te maken met sterk verminderde hoeveelheid neerslag.

Veerman legde aan de aanwezige boeren uit dat slechts 2,5 procent van al het water op de wereld zoet is, 0,4 procent daarvan is oppervlaktewater waar boeren over kunnen beschikken. Het is een buitengewoon klein aandeel van het zoete water dat ook nog eens daadwerkelijk ter beschikking is voor de boeren. “En we gaan daar ook nog eens heel onzorgvuldig mee om”, constateerde hij.

Niet alleen het gebrek aan water is een beperkende factor. Ook de hoeveelheid landbouwgrond in de wereld houdt niet over, meende hij. De hoeveelheid landbouwgrond neemt af en wordt anders verdeeld in de wereld. “Landbouwgrond in de wereld dat geschikt is voor voedselproductie is beperkt. Verwoestijning en bebouwing zijn de grote bedreigingen voor een boer.” 60 miljoen hectare landbouwgrond is er inmiddels in Afrika verkocht aan China, Zuid-Korea en de Arabieren. Ter vergelijking: Nederland telt 2 miljoen hectare landbouwgrond.

Volgens Veerman is het is een fabeltje dat alle landbouwgrond in Nederland omgezet wordt in natuur. “De afgelopen jaren is slechts 2 procent van de landbouwgrond omgezet in natuur. De meeste grond in Nederland wordt opgekocht voor het verbeteren of uitbreiden van de infrastructuur.” De beperkte hoeveelheid water dat beschikbaar is voor voedselproductie en landbouwgrond zijn dreigende factoren om in de toekomst voldoende voedsel te kunnen blijven produceren wereldwijd. “Kunnen we de wereld voeden? Het is een actuele vraag vanwege grote veranderingen in de wereld. Er vindt een grote groei van de bevolking plaats. De populatie van China, Brazilië en India wordt talrijker maar ook krachtiger.”

Deze landen groeien niet alleen in aantal mensen maar ook in welvaart. Dat heeft invloed op het voedingspatroon. Plantaardig eiwit wordt vervangen door dierlijk. Sinds 1980 is de dierlijke productie groter dan de plantaardige. Dat is nog niet eerder voorgekomen in de geschiedenis. Deze trendbreuk heeft alles te maken met de toenemende welvaart in de wereld. De vleesproductie in de wereld is meer dan verdubbeld in dezelfde periode. Deze omzetting vergt veel plantaardige grondstoffen voor voer. Dat is ook de reden waarom landen als China en Zuid-Korea landbouwgrond opkopen in bijvoorbeeld Afrika. Die gronden zijn bedoeld voor de productie van grondstoffen van ruwvoer. Veerman: “In India is de helft van de bevolking jonger dan 30 jaar. Dagelijks studeren er 1.000 ingenieurs af. Daar moeten we niet bang van worden, maar het is wel een signaal van hoe snel een land als India zich ontwikkelt.”

Of registreer je om te kunnen reageren.