Home

Nieuws 140 x bekeken

Boeren niet bang dat euro verdwijnt

Doetinchem – Veruit de meeste agrariërs verwachten dat euro blijft. Dat blijkt uit de enquête die Boerderij Vandaag liet houden door AgriDirect onder agrariërs in de sectoren akkerbouw, melkvee, varkens, pluimvee. Een meerderheid van 86 procent meent dat de euro van groot belang is voor de Nederlandse economie.

Een meerderheid van de ondervraagde boeren zegt dat Nederland profiteert van de euro (62 procent). Tegelijk vinden de meeste ondernemers dat de euro moet blijven. Veruit de meeste agrariërs (95 procent) verwachten dat de euro inderdaad blijft.

Akkerbouwers en agrariërs in de leeftijd van 45 tot 55 jaar zijn het meest overtuigd dat de euro de Nederlandse economie goed heeft gedaan. Kleine bedrijven en boeren tussen de 55 en 65 jaar zijn iets minder overtuigd van het nut van de euro. Grotere ondernemers en mensen tussen 45 en 55 jaar zijn het minst zeker dat de euro blijft bestaan.

De enquête werd gehouden onder 506 ondernemers met een bedrijfsomvang van meer dan
20 nge. Naast vragen over de investeringsbereidheid in dit nieuwe jaar en over de euro, werden vragen gesteld over de inkomensontwikkeling in het afgelopen jaar. Dit levert een beeld dat in grote lijn overeenkomt met de inkomensverwachtingen die het LEI in december presenteerde. Daaruit bleek dat vooral melkveehouders vooruit hebben geboerd en glastuinders verliezen leden. Ook een eindejaarspeiling van Gibo en LTO-Noord wees in die richting.

Ongeveer de helft van de ondervraagden had afgelopen jaar een beter resultaat dan het jaar ervoor. Dit gemiddelde is sterk gekleurd door de melkveehouderij, waar 70 procent van de ondernemers een hoger inkomen haalde dan het jaar ervoor. Eenvijfde van de ondervraagden ging vorig jaar achteruit in inkomen.

Grote bedrijven en jonge boeren geven blijk van een betere inkomensontwikkeling dan kleine. Bijna 60 procent van de grotere bedrijven zegt in 2011 een beter resultaat te hebben behaald dan in 2010. Boeren jonger dan 45 jaar spreken vaker van een verbeterd resultaat dan andere leeftijdsgroepen. Ook agrariërs met uitbreidingsplannen of opvolgingsplannen zeggen vaker een beter resultaat te hebben gehaald.

Kleine bedrijven van 20 tot 50 nge doen het slechter. Bijna 30 procent zegt een lager saldo te hebben dan in 2010. Ook varkenshouders hebben een slechter resultaat gehaald in 2011 ten opzichte van 2010.

NVV-voorzitter Wyno Zwanenburg herkent ondernemersoptimisme in de uitkomst van het onderzoek. ”Het is ondernemers eigen om het glas half vol in plaats van half leeg te zien.”
Hij verwacht voor de varkenshouderij een beter jaar. ”De slechte prijzen van afgelopen jaren hebben hun tol geëist, het aanbod van biggen gaat omlaag. In combinatie met lagere voerprijzen geeft dat de overgebleven ondernemers lucht.” Dat varkenshouders vooral willen investeren in gebouwen, en minder in duurzaamheid, vindt Zwanenburg heel verklaarbaar. ”Duurzaamheid moet wel betaalbaar zijn. De trend is dat mensen eerder voor nieuwbouw kiezen dan voor renovatie van bestaande stallen. Bij nieuwbouw kun je de duurzaamheid meteen meenemen.”

Albert Jan Maat (LTO Nederland) zegt dat het hem deugd doet dat agrarisch ondernemers realistisch optimistisch zijn. ”Aan de andere kant: als je een beroerd jaar hebt gehad, kun je ook moeilijk anders dan optimistisch zijn”, zegt de LTO-voorzitter.

Maat zet een kanttekening bij de investeringsbereidheid van ondernemers: ”De Nederlandse landbouw is kwetsbaar vanwege een veel te hoog vreemd vermogen. Ik hoop dat ondernemers zich dat realiseren. Als je investeert, doe dat dan met het oog op het weerbaar maken van het bedrijf. Investeer in minder energie- en grondstoffenverbruik.” Maat zegt blij te zijn dat akkerbouwers en veehouders zich realiseren dat de euro van levensbelang is.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.