Home

Nieuws 167 x bekeken

DGA hanteert juiste prijs bij verkoop perceel

Er is geen sprake van een bevoordeling van de directeur-grootaandeelhouder (dga) door zijn BV. Daarom is er ook geen uitdeling van winst uit de BV aan de dga. Bij de verkoop van een perceel grond is de juiste prijs (WEV) gehanteerd.

Kort samengevat is de uitspraak van rechtbank Haarlem de volgende:
De aandelen van een BV zijn in handen van haar dga. In 2002 levert de BV een perceel grond (X1) aan haar dga voor € 523.799. Op het perceel is een supermarkt met een parkeerterrein gevestigd. Besloten wordt om op het perceel en een naastgelegen perceel (X3), dat bij de dga in privé in eigendom is, een nieuwe winkelruimte te realiseren en de bestaande bebouwing geheel te vervangen door nieuwbouw.

De taxateurs van de Belastingdienst stellen de waarde van X1 vast op € 1.270.000. De inspecteur stelt daarop dat belanghebbende een uitdeling aan de dga heeft gedaan van € 829.833 (€ 1.270.000 -/- € 523.799). Rechtbank Haarlem oordeelt dat er geen sprake is van een uitdeling. Volgens de rechtbank blijkt uit een taxatierapport van belanghebbende dat het perceel X1 ten tijde van de taxatie grotendeels en ten tijde van de overdracht geheel onbebouwd was. Verder wijst de rechtbank er op dat het perceel onderdeel uitgemaakt heeft van een groter geheel en dat de winkelruimte slechts voor een deel op X1 zou worden gerealiseerd. Ook acht de rechtbank van belang dat het perceel X1 te klein was om zelfstandig een supermarkt op te bouwen. Daarnaast merkt de rechtbank ook nog op dat er nog een huurder moest worden aangetrokken voor de op het perceel geplande winkelruimte. Mede gezien de WOZ-waarde 2003 van € 310.243, acht de rechtbank aannemelijk dat de door A aan de BV betaalde koopprijs overeenstemt met de ten tijde van de overdracht geldende waarde in het economische verkeer van het perceel (X1). De rechtbank vermindert de Vpb-aanslag.

Of registreer je om te kunnen reageren.