Home

Nieuws 126 x bekeken

Aandeel hernieuwbare energie daalt

Voorschoten – Het aandeel hernieuwbare energie is in 2010 gedaald van 4,2 naar 3,8 procent van het eindgebruik. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

De daling is deels het gevolg van de stijging van het energieverbruik en een daling van het gebruik van biobrandstoffen op de weg. Nederland heeft zichzelf verplicht tot een aandeel van 14 procent in 2020.

Het totale energieverbruik is met 7 procent gestegen, deels door de koude winter en economisch herstel. De belangrijkste reden is echter het afgenomen gebruik van biobrandstoffen op de weg. Het verbruik steeg gestaag van 0,1 PJ in 2005 tot 15,6 PJ in 2009, om in 2010 te dalen tot 9,6 PJ, het laagste niveau sinds 2006.

Het verbruik daalde ondanks de lichte stijging van de wettelijke verplichting voor leveranciers van benzine en diesel biobrandstof bij te mengen. De tegenstrijdigheid kan worden verklaard doordat de wet de mogelijkheid biedt om het ene jaar meer te doen dan de verplichting en het andere jaar minder.

De belangrijkste bron voor hernieuwbare energie is windenergie. Windmolens leverden in 2010 16,2 PJ energie op. Dat is een fractie meer dan het record dat in 2009 is neergezet. Het overgrote deel van de energie komt van turbines op land, dat wel een daling liet zien van 13,5 tot 13,4 PJ. De daling werd meer dan gecompenseerd door zeeturbines.

Na windenergie volgt het bij- en meestoken van biomassa in energiecentrales, in 2010 goed voor 12,9 PJ productie. Het betreft de grootste biomassaproductie ooit. Daarna volgen de houtgestookte kachels in huishoudens, goed voor 12,2 PJ. Het grote aandeel van houtkachels is opmerkelijk: de meeste bezitters stoken voor gezelligheid.

Of registreer je om te kunnen reageren.