Home

Nieuws 207 x bekeken

Geen Bt-eiwit uit transgene mais in bodem en melk

Darmstadt - Het Bt-eiwit uit de transgene maissoort MON 810 breekt volledig af in de bodem.

Het hoopt zich daarom niet op als ieder jaar op hetzelfde perceel deze mais wordt geteeld. Het Bt-eiwit is niet terug te vinden in melk van koeien die MON 810 kregen gevoerd. Dat geldt ook voor het cry1Ab-gen dat kunstmatig is ingebracht in de mais om het resistent te maken tegen insecten.
Dat concluderen onderzoekers van het Duitse overheidsinstituut Bayerischen Landesanstalt für Landwirtschaft (LfL) en de Technische Universiteit in München. De onderzoekers hebben negen jaar lang op hetzelfde perceel MON 810 geteeld, de enige transgene maissoort die in de EU een teelttoelating heeft.

De onderzoekers stellen dat Bt-eiwit na de oogst van MON 810 achterblijft op het veld. Of dat bij continueteelt tot ophoping in de bodem leidt was nog onbekend. “Ons onderzoek toont aan dat het Bt-eiwit snel wordt afgebroken in de bodem”, zegt onderzoeker Helga Gruber van het LfL. “In het voorjaar na de maisoogst was het eiwit op geen enkel proefveld in de grond terug te vinden.”

De onderzoekers hebben achttien koeien 25 maanden lang MON 810 gevoerd. De transgene mais had geen invloed op de melkproductie en de diergezondheid in vergelijking met koeien die gewone mais kregen. Het Bt-eiwit en het cry1Ab-gen, dat de resistentie tegen insecten veroorzaakt, zijn niet terug te vinden in het bloed, de melk en de urine van de koeien. In de mest is wel Bt-eiwit te vinden maar geen cry1Ab-DNA. Gruber: “Het blijkt dat het Bt-eiwit in zeer geringe mate via de mest op het land komt. Daarna wordt het Bt-eiwit zo snel afgebroken dat het niet door het gewas wordt opgenomen en dus niet opnieuw in het voer terecht komt.”

Of registreer je om te kunnen reageren.