Home

Nieuws 86 x bekeken

Ruiterroutes door park zijn geen sportaccomodatie

In navolging van de rechtbank oordeelt het hof dat de ruiterroutes door een park niet aan te merken zijn als een sportaccommodatie. Gevolg: er dient BTW in rekening te worden gebracht.

Kort samengevat is de uitspraak van Hof Den Bosch de volgende:
X bv organiseert buitenritten te paard. Bij deze ritten berijdt een ieder zelfstandig zijn paard, of wordt een paard bereden dat via een geleidesysteem door een wagen wordt voorgetrokken. De buitenritten beginnen in de manege van X en leiden via een park weer terug naar die manege (“hittax”: een constructie waarbij paarden d.m.v. een lange ijzerconstructie aan elkaar verbonden zijn om deel te nemen aan deze ruitertochten).

Aan de orde is de vraag of sprake is van sportbeoefening in de zin van b.3 van tabel I Wet OB en of bij gebruik van deze “hittax” sprake is van het vervoer van personen als bedoeld in post b.9 tabel I Wet OB.

Het hof beantwoordt, conform de rechtbank, beide vragen ontkennend en gaat daarbij in op het Vierdaagse-arrest (10 augustus 2007, nr. 43 169) en op de uitspraak van Hof Leeuwarden van 10 mei 2010, nr. 2009/00013, waarin een zeilschool met jachthaven en gemarkeerd vaarwater werd aangemerkt als een sportaccommodatie.

Volgens het hof werd in die uitspraak een te ruime toepassing gegeven aan de btw-vrijstelling voor sportactiviteiten bij watersport. Het hof wijst daarbij op de conclusie van de a-g in het cassatieberoep van de staatssecretaris tegen die uitspraak en op de visie van de Europese Commissie daarover.

Of registreer je om te kunnen reageren.