Home

Nieuws 79 x bekeken

'Bleker ondergraaft eigen onderhandelingspositie'

Den Haag – Staatssecretaris Henk Bleker (landbouw) moet meer inkomenstoeslagen afromen ten gunste van doelen als innovatie en duurzaamheid. Door wel te wijzen op de noodzaak van specifieke betalingen, maar daar zelf nauwelijks gebruik van te maken ondermijnt hij zijn eigen onderhandelingspositie in Brussel.

Dat valt op te maken uit een advies van de Raden voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI). Bleker wil dat de eerste pijler van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) dusdanig wordt hervormd, dat vanaf 2014 een groter aandeel van het geld wordt gebruikt voor door lidstaten zelf gekozen doelen. De ruimte die de Brusselse regels hier nu al voor bieden via het zogeheten Artikel 68 benut hij volgens de raden onvoldoende.

In 2008 is afgesproken dat elke lidstaat tot 10 procent van de inkomenssteun mag afromen om in te zetten voor andere doelen. Nederland komt in 2012 en 2013 niet verder dan zo’n 3,5 procent. De afgelopen jaren was dit percentrage nog lager. Eurocommissaris Dacian Ciolios is geen voorstander van het uitbreiden van Artikel 68. Omdat Bleker de huidige ruimte voor een groot deel onbenut laat, doet dit 'afbreuk aan de geloofwaardigheid van de in te nemen onderhandelingspositie', aldus de RLI.

Net als de staatssecretaris vinden de raden dat de landbouw op termijn af moet van directe inkomenstoeslagen; na 2020 dienen deze te worden afgeschaft. Daarvoor in plaats krijgen boeren een beloning voor specifieke diensten op het gebied van bijvoorbeeld natuur of dierenwelzijn. Ook wordt er dan (meer) geld gestoken in innovatie en concurrentiekracht. De periode tot 2020 is een transitiefase, waarin de sector alvast op deze grote hervorming wordt voorbereid.

Wel verschilt het RLI van mening met Bleker over de vorm van de inkomenstoeslagen. De staatssecretaris wil af van de historische referentie en pleit voor de komende periode van het GLB voor een regionale hectarepremie. Volgens de raden leidt dit tot een herverdeling met het ongunstige effect dat opeens bedrijven in aanmerking kunnen komen voor Europese steun die het tot dan toe altijd zonder hebben gedaan. Tegelijkertijd verdwijnen er subsidies uit regio’s en sectoren die dat nog hard nodig hebben.

Of registreer je om te kunnen reageren.