Home

Nieuws 92 x bekeken

IMF: voedselprijsstijging nog onderschat probleem

Washington - De stijging van voedselprijzen is een groter probleem dan veel overheden denken, en leidt tot prijsstijgingen ook van andere producten.

In veel gevallen moeten overheden harder ingrijpen, bijvoorbeeld door de rente te verhogen. Dat schrijft IMF-econoom James P. Walsh, ook professor aan Michigan University, in een rapport. Volgens Walsh hebben overheden de neiging te kijken naar de kerninflatie, waarbij volgens de meeste definities voedselprijzen en energie niet meetellen. Ze verhogen pas de rente als de kerninflatie op een hoog niveau komt. Economen gaan er immers vanuit dat voedselprijzen en energieprijzen heel sterk fluctueren en geen goed beeld geven van de algemene prijsstijging.

Volgens Walsh blijkt uit diepgravende studies over de periode van 2003 tot 2007 echter dat voedselprijzen vaak veel langer hoog blijven dan vaak door economen wordt aangenomen, soms zelfs langer dan andere producten dan voedsel. Hoewel voedsel- en energie voor de inflatie in het algemeen in rijke landen een beperkte betekenis hebben, geldt dit niet voor ontwikkelingslanden. Hier geven mensen vaak noodgedwongen het overgrote deel van hun inkomen uit aan voedsel.

Ten derde wijst Walsh op de relatie tussen voedsel en andere productgroepen. Als voedselprijzen stijgen met 1 procent, heeft dit in rijke landen tot gevolg dat prijzen van andere producten met 0,15 procent worden verhoogd. In arme landen stijgen prijzen in het scenario met 0,5 procent. Wanneer een overheid sneller zou besluiten de rente te verhogen, kan dit de vraag naar producten doen afnemen, aldus Walsh. Lenen wordt immers door de gehele economie duurder. Daarbij kan worden aangetekend dat centrale banken vrijwel geen invloed kunnen hebben op het aanbod, en hogere leenkosten een economie kunnen verzwakken.

Of registreer je om te kunnen reageren.