Home

Nieuws 96 x bekeken

Keniaanse snijbloemenindustrie hoopt op herstel in 2011

Nairobi - Keniaanse bloemenexporteurs zijn voorzichtig optimistisch over 2011, nadat de industrie schade leed van vulkaanas en slecht winterweer in 2010. De prijzen liggen echter nog laag vanwege de economische recessie in Europa, de belangrijkste afzetmarkt voor Keniaanse bloemen.

In 2010 kreeg de industrie klappen. Door een vulkaanuitbarsting op IJsland en de daardoor veroorzaakte aswolk lag het vliegverkeer naar Europa tijdelijk stil in april. Slecht winterweer in december zorgde voor een inkomstendaling van 15 procent ten opzichte van 2009.

Kenia is wereldwijd de grootste exporteur van snijbloemen voor de Europese markt en de op twee na grootste exporteur wereldwijd, na Nederland en Colombia. Volgens de Keniaanse Flower Council wordt 65 procent van de geëxporteerde bloemen verkocht via Nederlandse veilingen, hoewel de directe verkoop in de lift zit.

De Keniaanse snijbloemenexport is in de afgelopen jaren sterk gegroeid in volume en waarde. In 1988 werd er 10.946 ton geëxporteerd, in 2006 was dat 86.480 ton. In 2009 ging het om 117.713 ton. De industrie biedt tussen 50.000 en 60.000 mensen een directe inkomstenbron. Zo'n 500.000 mensen profiteren indirect van de industrie.

Ontslagen
Uit statistieken van de Flower Council blijkt dat de Keniaanse bloemenindustrie 1,5 tot 2 miljoen dollar per dag verloor, toen de snijbloemen de markt niet konden bereiken in 2010. Er werden ongeveer vijfhonderd werknemers ontslagen.

De industrie hoopt dat er dit jaar sprake zal zijn van herstel. Maar Jane Ngige van de Flower Council realiseert zich dat de economische omstandigheden ook dit jaar nog de inkomsten negatief kunnen beïnvloeden. "Als de koopkracht van consumenten afneemt, zullen we dat zeker merken", zegt Ngige. "Dat betekent minder inkomsten en meer ontslagen. We hopen echter dat dat niet nodig is."

De vraag naar luxeartikelen zoals bloemen daalde in Europa door de wereldwijde economische en financiële crisis. De bloemenprijzen daalden daardoor met 15 tot 30 procent.

Julius Riungu, farm manager bij Timaflor, verwacht dat de prijzen dit jaar nog verder zullen dalen. Zijn bedrijf heeft een groter oppervlak met bloemen beplant, om zo het mogelijke inkomstenverlies te compenseren. Het bedrijf heeft 1060 werknemers, van wie 60 procent mannen en 40 procent vrouwen.

Prijsstijging
Voor Martin Dyer, algemeen manager bij Kisima Farm, pakten de problemen in de eurozone vorig jaar juist positief uit. "We hadden het geluk dat we onze bloemen net op tijd in Europa konden krijgen via andere aanvoerroutes. De prijzen waren toen al flink gestegen als gevolg van de toeleveringsproblemen", legt hij uit.

Met de grootbloemige rozen die zijn bedrijf kweekt, hoopt hij de recessie te kunnen weerstaan. "De markt wordt overspoeld door kleinbloemige rozen. Prijsbewuste consumenten moeten gaan voor het beste: de grootbloemige rozen."

Niet alle werknemers op Kisima Farm zijn tevreden. Cecilia Wanjiku, die vier kinderen heeft, klaagt dat ze te weinig verdient om haar kinderen te onderhouden. Maar ze heeft geen andere mogelijkheid, want werk is schaars.

"Ik doe tijdelijk werk bij snijbloemenbedrijven. Dat is beter dan niets doen, want dan gaan mensen uiteindelijk stelen om in leven te blijven", zegt ze tijdens de lunchpauze van het bedrijf. Net als andere werknemers, werkt ze vijf tot acht uur per dag. De meeste vrouwen zeggen dat ze hun inkomsten gebruiken om eten te kopen en schoolgeld voor hun kinderen te betalen. Dyer heeft goede hoop dat Kisima Farm dit jaar zonder ontslagen doorkomt.


IPS

Of registreer je om te kunnen reageren.