Home

Foto & video 593 x bekeken 1 reactie

Erosiebeperkende systeemvergelijking

In het kader van het project BodemBreed organiseerden Praktijkonderzoek Plant en Omgeving en DLV Plant onlangs een demonstratie stoppelbewerking na maïs.

Foto

  • Op een perceel met een korrelmaisstoppel van Loonbedrijf Cerfontaine in Terblijt (L.) konden bezoekers verschillende systemen op de heuvelachtige lössgrond in actie zien. De toelichting erbij werd gegeven door Gerard Meuffels (PPO) en Sjef Crijns (DLV Plant)

  • De lössgrond is zeer verslempingsgevoelig. Niet kerende grondbewerking is een must. De gewasresten moeten bovenin de bouwvoor blijven om erosie tegen te gaan.

  • Een goede vertering van de gewasresten zorgt voor minder ziektedruk van bijvoorbeeld bladvlekkenziekte in mais en fusarium in het geval van rotatieteelt met tarwe. Om een goede vertering van de maisstoppel te bewerkstelligen is het van belang om deze goed in te werken. Verkleinen van de resten heeft ook een positief effect op de vertering. Bijvoorbeeld met een klepelmaaier zoals op de fotoof met een mulcher.

  • Het belang van een goede vertering en minder ziektedruk moet afgewogen worden tegen de eventuele kosten van een extra werkgang en extra brandstof om de stoppel extra te verkleinen. De intensief werkende klepelmaaier heeft hogere kosten dan een mulcher. Overigens zijn er in de praktijk grote verschillen tussen de achtergebleven gewasresten. Op het demoperceel waren de gewasresten al goed verkleind door de combine/kolvenplukker.

  • Een mulcher heeft in vergelijking met een klepelmaaier meer capaciteit door een 50 procent hogere rijsnelheid. Ook vraagt hij minder aftakasvermogen per meter werkbreedte. De hectarekosten van een mulcher zijn hierdoor lager dan van een klepelmaaier. De machine is ook geschikt voor graanstoppels. In het buitenland kiezen sommige akkerbouwers er bewust voor om in het seizoen hoger te stoppelen. Er gaat dan minder materiaal door de combine, wat resulteert in meer dorscapaciteit en brandstofbesparing. Op een rustig moment wordt de lange stoppel dan gemulcht. Als verkoop van stro niet aan de orde is valt dat te overwegen.

  • Het resultaat oogt weliswaar minder mooi, maar doordat net zoals bij de klepelmaaier wel alle stengeldelen geraakt zijn, is dat volgens de fabrikant voldoende voor een goede vertering.

  • Een schijveneg leent zich vervolgens goed voor het inmengen van gewasresten in de bovenste teeltlaag. Er waren drie verschillende schijfdiameters op de demo. Hier een SMS-machine met gekartelde schijven van 52 centimeter. Het gaat er bij de demonstratie niet om om merken te vergelijken. Het gaat om de verschillende systemen; de meeste fabrikanten hebben verschillende schijfdiameters in het leveringsprogramma.

  • Deze Lemken Rubin heeft een schijfdiameter van 61 centimeter. Bij een werkdiepte van 10 centimeter werkt de machine al behoorlijk agressief. Wanneer de grond mooi oogt, vormt dat al snel een gevaar in de heuvels. Uitspoeling en verslemping liggen op de loer. Een te intensieve bewerking heeft dan een averechts effect.

  • Hier een schijvencultivator met 46 centimeter schijven. Een algemeen nadeel van de schijvencultivatoren is de hoge rijsnelheid. De bewerking is hierdoor niet te combineren met een woeler. Ook zijn de machines minder universeel dan bijvoorbeeld een vleugelschaarcultivator.

  • Deze zespoots woeler liep af en toe vol vanwege de kleinere tandafstand. Voor een diepere woelbewerking moet de grond goed bekwaam zijn. Na de oogst is het zaak om te kijken hoe diep de verdichting zit. Dan volgt de afweging of er direct of pas in het voorjaar gewoeld moet worden. Bij lichte lössgronden heeft het voorjaar de voorkeur.

  • In de fronthef een klepelmaaier. Op deze manier vraagt het verkleinen van de stoppel geen extra werkgang.


  • Deze vierpoots woelcombinatie met rotorkopeg en schijfkouter-zaaimachine werkt vrij intensief in vergelijking met de andere machines.

  • De gewasresten worden door de rotorkopeg iets op een strook gedraaid. Iets diagonaal op de rijen rijden geeft bij alle machines een beter resultaat.

  • De vleugelschaarcultivatoren zorgen voor een rollend effect van de grond. Hier is dat mooi te zien bij deze compacte, maar toch driebalks Kerner. De vermenging is hierdoor goed. De werkdiepte bedraagt 15 centimeter. Dieper is niet aan te raden met vleugelscharen.

  • Alle machines kwamen zowel in actie op bewerkte als onbewerkte stoppel. Onder beide omstandigheden konden ze er goed mee overweg.

  • Deze eveneens driebalkige cultivator is van een heel andere dimensie. Dankzij de grote werkbreedte was het mogelijk om de machine met links en rechts verschillende tanden uit te rusten. Grote verschillen waren echter niet waarneembaar.

  • Naast de machinekeuze blijven toch vooral de basisdingen belangrijk. De presentatoren van de demo legden er daarom nogmaals de nadruk op: voor de hand liggende zaken zoals rijden op de correcte bandenspanning en controle van de ingestelde werkdiepte worden in praktijk nog veel te vaak vergeten.

Eén reactie

  • no-profile-image

    boerke

    zoals u ziet machines en brandstof kosten geen geld.
    De realiteit is echter dat na de hevige regen enkele weken geleden blijkt dat de verslemping en afspoeling van de NKG percelen groter is als de geploegde percelen, waar nauwelijks iets was te zien. Voorbeelden zat, als de heren in het pluche zich maar eens de moeite namen om met die luie reet achter dat bureau te komen.
    Boeren hebben hier alleen interesse in omdat ze dan 50 euri per ha kunnen vangen (zo lang het duurt).

Of registreer je om te kunnen reageren.