Home

Foto & video 731 x bekeken

Drentsche Aa: boeren tussen toeristen

Het Nationaal Beek- en esdorpenlandschap de Drentsche Aa is van oudsher een boerengebied en dat wil de overheid graag zo houden. Maardie toeristen zijn soms knap lastig. Net als de vele regels.

Foto

  • Hier in Tynaarlo sturen borden langs de weg, bezoekers meteen al naar een van de drie zogenaamde Toegangspoorten van de Drentsche Aa.



    Foto's: Jan Willem Schouten, tekst: Margreet Welink

  • Dit is zo’n toegangspoort: een parkeerplaats met een informatiezuil. Boeren mopperen dat de aanleg 5 ton kostte en dat er voor boerenprojecten niet genoeg geld is.

  • Op een informatiezuil staan in een notendop de wetenswaardigheden over de streek vermeld.

  • Tegen de bezoekersparkeerplaats aan is bloemrijk akkerland aangelegd met onder meer klaprozen, korenbloemen en heel veel zonnebloemen.

  • Dit is hem dan: de Drentse Aa. Eigelijk is het niet één beek maar een heel systeem van beken. Kenmerkend is dat de beken niet zijn rechtgetrokken maar nog net als vroeger door het landschap meanderen.

  • Een fraai doorkijkje in het dorpscentrum van Tynaarlo.

  • Tynaarlo heeft net als veel andere dorpen in de streek een centraal gelegen weitje (brink) met daaromheen bomen en oude boerderijen. Tegenwoordig staan op de meeste brinken ook in het midden bomen.

  • Een hunebed bij Zeegse. Hunebedden zijn prehistorische grafkamers. Ze komen ook voor in Denemarken, Ierland en Portugal en zelfs in Korea en de Kaukasus zijn ze wel gevonden.

  • Deze straatnaam spreekt voor zich: aan deze straat ligt een hunebed.

  • Dit is het Zeegserloopje, uiteraard bij Zeegse. Het is één van de zijrivieren die uitmonden in de Drentsche Aa.

  • De streek van de Drentsche Aa gonst van het toerisme. Overal zijn eet- drink en overnachtingsmogelijkheden, zoals hier in het centrum van Zeegse.

  • Bij herberg De Fazant in Oudemolen struikel je bijna over de fietsen. Veel toeristen strijken hier even neer voor koffie met huisgemaakte appeltaart.

  • Het bulkt in de streek van de Drentsche Aa van de toeristen. Vanaf een uur of elf ’s ochtends komt een flinke stroom fietsers op gang.

  • Tussen de vele fietsers door komen er ook campers langs op weg naar een van de vele mooie plekjes.

  • Speciaal voor wandelaars is bij Oudemolen een houten wandelpad aangelegd: een vlonder over de zompige weilanden.

  • Een hoekje in de berm staat vol met aanwijzingen voor fiets- en wandelroutes.

  • Het Loonerdiep, een onderdeel van de Drentsche Aa. In de stroomdalen is het flink zompig. Melkkoeien zul je er niet aantreffen, wel vleesvee en paarden.

  • De brink van Rolde. Ook hier is het centrale weitje vol gegroeid met bomen. Niettemin is het nog wel herkenbaar als de vroegere brink.

  • De molen in Rolde is een zogenoemde beltmolen. Hij heet zo omdat hij op een belt (verhoging) staat.

  • De grote zwerfkeien die hier in Drenthe soms nog worden opgegraven, zijn voor meer dan alleen hunebedden gebruikt. Er zijn in het verleden wegen en gebouwen mee aangelegd. Hier, in Nijlande, hing een veehouder er zijn brievenbus aan. Stormbestendig!

  • Achter in een weiland in Ekehaar stroomt een oud stukje van het vroegere Amerdiep. De stuw is eruit gehaald en vervangen door stenen. Zo kunnen de vissen er langs. De veehouder die er zijn koeien langs weidt, heeft er echter nog nooit een vis gezien sinds de stuw weg is.

  • Melkveehouder Bernard Westebring heeft zijn bedrijf in Ekehaar. Dat is midden in het Drentsche Aa-gebied. Het Amerdiep loopt langs zijn percelen.

  • De melkkoeien van melkveehouder Westebring trekken een sprintje naar de stal. Dat ze vlak langs een eeuwenoud riviertje rennen, interesseert ze geen fluit; maar dat ze ’s zomers onder de hoge eiken kunnen schuilen tegen de zon, is prettig.

Of registreer je om te kunnen reageren.