Redactieblog

2317 x bekeken

'Boer omdat het mag, niet omdat het moet'

Vroeger werd je boer omdat het moest, nu mogen kinderen zelf kiezen. Dat is vooruitgang.

Hoe is het mogelijk dat je blij bent als je geen opvolger hebt? Onlangs schreef ik over opvolganimo in de landbouw. Om eerlijk te zijn had ik sombere cijfers verwacht, want zo geweldig gaat het niet in de agrarische sector. De prijzen zijn laag, arbeid wordt nauwelijks vergoed, voor sommigen moet er zelfs geld bij en er is toenemende bemoeienis van een kritische maatschappij.

Tegen die achtergrond had ik gedacht dat de interesse van jongelui om het bedrijf over te nemen, niet zo groot meer zou zijn. Dat bleek verkeerd gedacht. Veel boeren gaven aan wel degelijk een opvolger te hebben en ja, daar zijn ze blij mee. Een vijfde gaf aan zeker te weten dat ze géén opvolger hebben. En ook zij zijn daar blij mee.

Oprechte blijdschap?

Dat gaf te denken. Blij zijn als je géén opvolger hebt? Blij zijn als het bedrijf dat al generaties in de familie is, niet wordt voortgezet? Blij zijn dat het kind andere interesses heeft ontwikkeld? Kun je daar oprecht blij om zijn? Of was de genoemde blijdschap een verkapt argument om het eigen onvermogen te verbloemen? Ouders waren misschien niet in staat geweest om het bedrijf toekomstproof te maken en te houden. Ze hadden voor hun gevoel misschien gefaald. Dat is niet iets wat je makkelijk zegt. Eenvoudiger is het om de schuld elders te leggen. Bij de overheid die het de boeren zo moeilijk maakt of bij de consument die niet bereid is voldoende te betalen.

Lange dagen, veel zorgen

Voor sommige boeren speelde dit inderdaad mee. Maar oprechte blijdschap, opluchting zelfs, bleek toch geen gespeelde emotie. De boeren die ik erover sprak, konden hun gevoelens niet heel makkelijk onder woorden brengen, maar wat ze probeerden te zeggen, was dat ze het zelf soms erg zwaar hadden gehad. Hun dagen waren lang, er was weinig tijd voor het gezin, ze hadden soms nauwelijks inkomsten, maar wel veel onzekerheden. Als ouders gunden ze hun kinderen een leven met minder zorgen, meer vrije tijd en meer inkomsten. Ook als dat het einde van het bedrijf betekende.

Kunnen kiezen is vooruitgang

De aanleiding is natuurlijk verdrietig, maar de zienswijze zie ik als vooruitgang. In oude kranten lees ik adviezen over hoe je kinderen op het rechte pad hield zodat het later degelijke boeren zouden worden. Lanterfanten werd ontraden, de handen moesten uit de mouwen. En belangstelling voor zaken buiten de boerderij diende de kop ingedrukt te worden.

Wat zullen er een hoop ongelukkige boeren zijn geweest vroeger. Mensen die liever timmerman of notaris waren geworden maar daar geen ruimte voor kregen omdat ze van hun ouders, en eigenlijk van iedereen, boer moesten worden.

Gelukkig is dat veranderd. Als een bedrijf moet stoppen omdat er geen opvolger is, is dat uiteraard jammer. Maar dat boerenkinderen nu hun eigen pad mogen kiezen, is winst.

Boerderij de OpvolgerBlijf op de hoogte van de zoektocht naar de Opvolger via Facebook, Twitter en Instagram.

Of registreer je om te kunnen reageren.