Redactieblog

633 x bekeken

Mededingers

De NMa moet meer een actieve marktmeester worden, met oog voor prijzen én inkomens.

Zo’n twintig jaar geleden deden organisaties van akkerbouwers in ons land driftige pogingen om tot een graanquotering te komen. Omdat het lastig was de hoeveelheid te quoteren, werd gedacht aan beperking van het areaal. De Nederlandse Akkerbouw Vakbond (NAV) zit nog steeds op dat spoor, ook al noemen ze het tegenwoordig ‘aanbodmanagement’. Het kwam er nooit van; Den Haag en Brussel wilden er niet aan.
De telers van plantuien, en dan met name van een specifiek ras dat voor de export bestemd is, hebben volgens de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) onderling afspraken gemaakt. Ze spraken af een deel van de ingezaaide akkers onder te ploegen, om zo aan aanbodmanagement te doen en de prijs hoger te laten zijn. Net zoals de NAV het bedoelt. Het schijnt dat in de uiensector wel meer van dit soort akkefietjes spelen. En ook in de meelsector blijkt zoiets aan de hand. De daders krijgen stevige boetes, zodat het voortbestaan van de betrokken bedrijven in gevaar kan komen. De voorbeeldwerking is groot; je bedenkt je als ondernemer wel twee keer om samen te spannen.
Dit soort boetes geeft toch een beetje een raar gevoel, want alles wijst erop dat de machtsverdeling in de voedselsector nogal scheef is. Een recent Europees rapport laat zien dat de concentratie, en daarmee de macht, van de supermarkten in Europa heel erg groot is. Dat afgezet tegen miljoenen telers geeft een nogal scheve situatie.
Soms doet een teler inderdaad rechtstreeks zaken met een supermarkt. Jumbo opent binnenkort een nieuw type winkel, meer gericht op lokale producten. De baas meldde trots dat wat hem betreft de boeren uit de buurt de producten rechtstreeks met de trekker konden voorrijden. In dat geval zit de boer klaarblijkelijk rechtstreeks met de supermarktbaas om tafel en dan is de machtsongelijkheid wellicht groot. Maar dit is uitzondering. De meeste handel loopt via de collecterende en verwerkende industrie, en die is over het algemeen beduidend groter van omvang. FrieslandCampina, Aviko, Suiker Unie, Arla, Nestlé, Kraft, Coca-Cola, PepsiCo, General Mills en Unilever, het zijn internationale ondernemingen waarvan de top net zoveel verdient als supermarktdirecties. Er zijn heel wat klachten dat deze multinationals meer macht hebben dan de retailers. Tussen de twee uitersten zit een keur van kleine bedrijven die juist weer weinig macht hebben.
In zo’n diverse voedingsmiddelenwereld hebben we behoefte aan een actieve marktmeester om opdrijving, uitknijping en uitbuiting tegen te gaan. De NMa en de Europese mededingingscommissaris zouden die rol meer op zich moeten nemen. Niet alleen om consumentenprijzen laag te houden, ook om inkomens te beschermen.

Of registreer je om te kunnen reageren.