Boerenblog

3381 x bekeken 7 reacties

Voor een dubbeltje op de eerste rang

De afgelopen drie zomers waren in Oost-Noorwegen behoorlijk nat. Dus hoog tijd voor een lesje afwateren en draineren.

Iets leren over afwateren en draineren is niet verkeerd in het natte Noorwegen. Een aantal belangenorganisaties en gemeentelijke landbouwvoorlichters pakken de handschoen op. Ze organiseren een Grovforseminar, een gratis cursusdag voor boeren en geïnteresseerden om meer te leren over goed grondbeheer. En met succes, want er komen 200 belangstellenden op af.

Ambitieuze plannen
De burgemeester van de organiserende plaats, Tynset, opent de dag. Hij bedrukt dat de agrarische sector onmisbaar is, boeren zijn een belangrijke beroepsgroep. De burgemeester is net terug van een tweedaags bezoek aan Nederland. We hebben een beurs bezocht in Almere, waar we Nederlanders met emigratieplannen hebben geïnformeerd over de voordelen van onze Noorse bergregio. De burgemeester was nog steeds onder de indruk van de volledige benutting van elke vierkante centimeter in het Nederlandse landschap. Als je dat vergelijkt met het berglandschap van de Fjellregionen - waar we te kampen hebben met veldjes ter grootte van een postzegel, steile hellingen en als grootste bedreiging het dichtgroeien van (voorheen) open arealen als gevolg van te weinig begrazing en te grote afstanden - dan lijkt er op het eerste gezicht veel te winnen.
Niet gehinderd door enig pessimisme roept de burgemeester dan ook dat de agrarische sector de ambitieuze plannen van het Noorse ministerie van landbouw, een groei van 20 procent in nationaal geproduceerd voedsel in 2030, makkelijk gaat halen. Sterker nog, we gaan er overheen! Fjellregionen haalt wel 30 procent! Aangezien de economie van deze plattelandsregio bijna direct is gekoppeld aan de landbouw, betekent een groei van de landbouw, een groei van de hele economie. Hoera!
Er wordt wat ongemakkelijk geschuifeld, maar kritische opmerkingen plaatsen, doen Noren niet in een grote groep. Na een braaf applausje is het woord aan de landbouwdirecteur van de provincie. Hij benadrukt in zijn presentatie nogmaals de ambitieuze doelen. Het is een bijdrage die niet veel te maken heeft met het doel van de cursusdag, namelijk iets leren over de verbetering van ruwvoer en de hoeveelheid daarvan. In Noorwegen, en helemaal op het platteland, is de mens echter afhankelijk van subsidies om dit soort grote investeringen te rechtvaardigen. En dat op een gemiddelde bezetting van 18 tot 20 koeien.

Omhoog met die resultaten!
Voedselveiligheid staat op nummer 1 voor de Noorse overheid. Daarmee worden Noorse grondstoffen en producten bedoeld. Daarnaast bezigt de overheid de termen ‘landbouw In het hele land’, een ‘verhoogde meerwaarde in de economie rondom de boerderij’ en het schitterende Bærekraftig landbruk, oftewel: landbouw met draagkracht. Alle beschikbare grond moet effectief worden gebruikt. En het maakt niet uit waar de boerderij staat, zelfs in deze bergregio moet productie mogelijk zijn. Dat geldt niet alleen voor landbouw, grasland en akkerbouw, maar ook voor bosbouw. Omhoog met die resultaten, is het credo.
En die resultaten moet niet alleen omhoog in de primaire landbouw, maar ook in de omringende sector, de bygdenæring. Een nieuwe term die ‘dorpsbedrijvigheid’ betekent. Want groei in de landbouw is economische groei. Inderdaad, er kan nog een boel gesleuteld worden aan de efficiëntie van de Noorse landbouw. Al plaats ik zo mijn vraagtekens bij een enorme verhoging van de bosbouwresultaten binnen 15 tot 20 jaar. Mijn twijfels worden groter als tussen neus en lippen door wordt verteld dat financiële tegemoetkomingen voor het ontginnen van grond of afwateren er helaas niet in zitten. Voor een dubbeltje op de eerste rang dus. Thuis hebben we een term voor dit soort loze beloften: een Deja Poo, vrij vertaald: ‘Did I hear this crap before?’

Nieuwe landbouwgrond
Met de huidige melkvee-, rundvee- en schapenproductie is er al een flink tekort aan ruwvoer van eigen dyrket mark (landbouwgrond). Jaarlijks moeten veehouders veel ruwvoer aankopen uit andere provincies. Dat is een grote kostenpost. Voor een stabiele ruwvoerproductie is goede landbouwgrond nodig. Het meeste bos in de dalen is al omgezet in landbouwgrond. De blik moet zich dus omhoog richten naar hoger gelegen bossen, tegen de bergwand aan, soms wel op 5 tot 6 kilometer verwijderd van de openbare weg. Is dat realistisch? Is het niet beter om effectiever de bestaande grond te bewerken? Of wat te denken van ruilverkaveling? Boeren komen elkaar nu om de haverklap tegen op de weg als ze naar hun verder weg gelegen land rijden. Daarnaast is grond ontginnen ook niet bepaald gratis.
Wordt vervolgd.

Laatste reacties

  • Sjaak Mocking

    Ruilverkaveling in Noorwegen??? Van mij mag het vandaag nog maar je komt aan iets ongelooflijks, namelijk het erfrecht en de verbondenheid met het eigendom. Er zijn al provincies waar meer dan 50% van het landbouwareaal verhuurd wordt. Dit enkel en alleen omdat men het eigendom niet verkoopt, uitruilt etc, etc, omdat het nu eenmaal vele honderden jaren in de familie is geweest. Men probeert wel wat versoepeling te verkrijgen dat nu ook landbouwgronden afgescheiden mogen worden maar moet eens zien wat het allemaal oplevert. En wat te denken van al deze mooie plannen als er komende herfst verkiezingen zijn en mogelijk een rechtse liberale regering komt!!!!

  • Hodalen

    Bij Frivillig makeskifte is dat nu juist wat, zeker in onze regio, de redding kan zijn voor dit vraagstuk wat jij aanstipt, Sjaak. Doordat je grond ruilt met elkaar van gelijke kwaliteit/arrondering, worden beide bedrijven er beter van. Men begint dat hier nu in te zien, o.a. door arbeid van een regionale projectgroep overigens! De wet hoeft er niet voor verandert te worden, de mentaliteit van de boeren wel. Heb je een goede band met je buurman, en hebben jullie beiden iets te ruilen, doe dat dan! Schakel de jordskifterett in, leg het vast. bij minder gelijke stukken grond staat er uiteraard een financiele vergoeding tegenover, maar het beginsel van ruilen kan en gebeurt ook.

  • Sjaak Mocking

    Eleonie. Moeten ze er wel voor open staan. En dat is nou net het probleem. Algemene acceptaie moet eerst komen en dat neemt de nodige tijd in beslag. En als buitenlander zien ze je al helemaal aankomen. Ik heb het hier voorgesteld aan mijn buurman om wat gronden in gebruik te ruilen. Ik zou van een andere buurman gaan pachten en hij mijn pachtgrond. Ik zou dan meer grond achter de stal krijgen en hij aangrenzend aan zijn land. Nou, ging mooi niet door.

  • Hodalen

    Dit waren anders geen buitenlanders die met het idee kwamen. Maar de Noren zelf! In een van mijn volgende blogs schrijf ik over zo'n boer. Een boer die naast vleesvee ook de fin. adviseur is bij een van de grootste regnskap kantoren. Hij liet het zien met cijfers: zoveel kost al dat heen-en weer gerij, en zoveel kun je besparen. Niks meer, niks minder. Bleken ineens toch wat meer wel happig te zijn. Want centen, daar waren ze wel gevoelig voor.

  • agratax2

    Als buitenstaander kan ik me nog wel voorstellen dat de boeren na goede voorlichting wel door de bocht willen. Nu de eigenaren die verhuren en niet hun grond willen afstaan, misschien niet eens aan een ander willen verpachten dan de oude vertrouwde pachter. Bij ruilverkaveling geldt misschien wel meer het Gevoel, de Tradities dan het geld dat het kan opbrengen. In Nederland is het ook echt niet vanzelf gegaan,er was een aparte wetgeving voor nodig om de dwarsliggers te dwingen mee te doen en de hele herstructurering door te voeren.

  • hout&co

    Hai Eleonie,

    Hoe zit dat dan met de noorse bosbouw ??
    Is die niet zo veel aanwezig of wordt daar niet zóveel mee gedaan ?
    Het lijkt me dat wanneer er een hogere activiteit is in de bosbouw er toch eventueeel meer grond vrij kan komen voor landbouw ? Of zie ik dat verkeerd ??

  • Hodalen

    @ hout&co. Bosbouw is hier wel aanwezig, al is het in onze regio wat minder interessant, dan bijvoorbeeld in regio Sør Østerdal en Trysil in onze provincie, of bijvoorbeeld in Zweden. De hoogte en de lage temperaturen zorgen voor een langzame groei. Datgene wát geoogst kan worden, is wel van súper kwaliteit.
    Een hoge activiteit in bosbouw geeft overigens dat er minder grond beschikbaar is voor landbouw. Bosbouw is niet hetzelfde als kaalkap. Een heel bos leeghalen om daar vervolgens landbouwgrond van te maken, is niet-duurzaam bosbouwbeleid. Bomen van cat. 4 en 5 zijn oogstrijp, terwijl een gemiddeld bos, ook productiebos, te maken heeft met diverse categorieën= dikte en lengte van de bomen. Voor ze cat. 4 en 5 zijn, ben je minstens 100 jaar verder...
    Daar komt bij dat niet alle bosbouwgrond geschikt is om landbouwgrond van te maken, afh. van grondsoort, rotsen etc. Beste is is eigenlijk om daar waar bomen gekapt zijn, nieuwe bomen te planten. Al verjongt de natuur zichzelf hier.

Laad alle reacties (3)

Of registreer je om te kunnen reageren.