Redactieblog

1511 x bekeken 1 reactie

Patatgeur

Aviko blijkt er goed op te staan bij zijn omgeving. Maar zit het bedrijf wel op de juiste plek?

De meesten van mijn studenten kunnen goed uitleggen waarom Avebe in de Veenkoloniën zit, en de varkenshouderij in Zuid-Nederland. Ze kunnen verder ook wel wat over dergelijke activiteiten vertellen. Toch zijn er veel bedrijven in de agrarische sector waar we weinig van weten.
Een student heeft recent zijn tanden gezet in Aviko. Wat is het voor een bedrijf en waarom is het gevestigd in Steenderen, in de Achterhoek? De eerste verrassing was de naam: Aardappelverwerkende Industrie Keppel en Omstreken. Hoog- en Laag-Keppel liggen in de gemeente Bronckhorst, en wat daar ook zit, geen Aviko. Dat bedrijf zit inmiddels 10 kilometer verderop. Het is ooit wel begonnen in Keppel, opgericht door 32 lokale boeren. Later verhuisde het naar Steenderen, omdat daar de oude melkfabriek vrijkwam. Op basis van waar de grondstof van Aviko vandaan komt, is Steenderen geen logische keus. Dan lagen Dronten, Noord-Groningen of West-Brabant meer voor de hand. Zo werkt het echter niet. De eigenaren woonden in de Achterhoek, de kennis die directie en werknemers hebben opgebouwd zit in de Achterhoek, en er is daar geïnvesteerd. Padafhankelijkheid noemen we dat.
De student zocht onder meer uit waar de huidige werknemers van het aardappelverwerkende bedrijf wonen. Van de 498 werknemers woonde er op het moment van tellen geen enkele meer in Hoog- of Laag-Keppel. Dat is toeval, want het productiepersoneel – dat is de helft – woont gemiddeld genomen niet ver weg. Er had er dus best eentje in Hoog-Keppel kunnen wonen. De uitkomst is niet bijzonder, want hoe lager de functie en het inkomen, hoe minder ver men reist.
Dat het beter betaalde personeel verder weg woont heeft waarschijnlijk niet met overlast van het bedrijf te maken. Een enquête in Steenderen wees uit dat de meeste inwoners geen of nauwelijks overlast ervaren. Het ruikt er hoogstens wat naar patat. Toch is het ook weer niet zo dat het productiepersoneel vlak naast de fabriek woont; maar zo’n 5 procent van de beroepsbevolking van het dorp werkt bij Aviko.
Aviko blijkt er goed op te staan bij de lokale bevolking. De meeste mensen vinden dat het bedrijf een visitekaartje voor het dorp is. Dat zal te maken hebben met de beperkte overlast, en ook met het feit dat het bedrijf nogal aan sponsoring doet. Een groot deel van de ondervraagden zei daar een positieve ervaring mee te hebben. Voor economen en geografen laat zo’n onderzoek maar weer eens zien dat bedrijfslocaties vaak op toeval berusten; er valt veel minder aan te sturen dan wethouders wel eens denken. En het laat ook zien dat als een bedrijf goed omgaat met de omgeving, het zich gewoon kan ontwikkelen, zelfs als het een beetje naar patat ruikt.

Eén reactie

  • Zuperboer

    Geur slaat meestal verderop neer, dus enkele kilometers buiten het dorp Steenderen, zoals in dorpen als Baak of Toldijk. Is een 'trigger' om vaker naar de snackput te gaan, misschien interessant voor een onderzoekje. Aviko is overigens wel een waterslurper, maar daarvoor krijgen de boeren een schamele compensatie van soms wel 10 Euro per ha. Daar wordt overigens ook aan gewerkt door LTO om dit naar een redelijk niveau te krijgen.

Of registreer je om te kunnen reageren.