Redactieblog

1249 x bekeken

Noord-Brabant als kraamkamer van veehouderijbeleid

Noord-Brabant laat regelmatig proefballonnetjes op als het gaat om de veehouderij. Provinciaal levert het vaak niet direct resultaat op. Maar Brabantse ideeën blijken het goed te doen in Den Haag.

Noord-Brabant is de provincie met de meeste varkens. 47 procent van de Nederlandse varkens worden in deze provincie gehouden. Het is dus logisch dat deze provincie ook het meest te maken heeft met deze sector. De veehouderij zorgt in Noord-Brabant voor een belangrijk deel voor de werkgelegenheid. Maar het is ook de provincie waar de nadelen van de sector het eerste zichtbaar zijn: milieuproblemen, maatschappelijk draagvlak en inpasbaarheid van de bedrijven zijn voor Noord-Brabant met recht een hoofdpijndossier.
Noord-Brabant zoekt actief naar oplossingen voor het beleid. Het bekendste voorbeeld hiervan is de instelling van de Commissie Van Doorn in 2010, door toenmalige gedeputeerde Ruud van Heugten. De commissie met prominenten werd in het leven geroepen met als taak het vinden van de rol die de provincie kan spelen bij het verduurzamen van de veehouderij. Het rapport moest een compacte agenda worden met maatregelen om de veehouderij te verduurzamen.

Het rapport, uitmondend in het Verbond van Den Bosch, waarbij vrijwel alle ketenpartijen zich aansloten om over te gaan op duurzaam vlees in 2020, werd enthousiast ontvangen: Eindelijk stond op papier dat de hele sector zich wil inzetten voor het verduurzamen van de veehouderij. Het plan bleef ook in Den Haag niet onopgemerkt. Het idee kreeg brede steun. Onder leiding van toenmalig staatssecretaris Henk Bleker werd besloten de werkwijze van de Commissie Van Doorn landelijk uit te rollen. De werkwijze heeft een voorbeeldfunctie gekregen. Het kabinet Rutte II heeft het zelfs opgenomen in het regeerakkoord.
Het is niet de eerste keer dat een Brabants idee in Den Haag wordt overgenomen. De bouwstop die in Noord-Brabant werd ingevoerd voor geiten-en schapenbedrijven als gevolg van de Q-koortscrisis, kreeg ook een landelijk vervolg. Noord-Brabant was ook de eerste provincie die, zonder dat er voldoende grond in de portefeuille was, stopte met de aankopen van EHS-gronden vanwege geldgebrek. Het is geen toeval, maar ook dit werd later landelijke praktijk.

Noord-Brabant is ook de provincie die in mei vorig jaar een studie liet uitvoeren naar het invoeren van provinciale dierrechten, om de veestapel te beperken. Dit plan werd in Den Haag niet enthousiast ontvangen: de politiek ziet liever een landelijke regeling of geen regeling voor dierrechten. De dreiging dat er dierrechten komen is, mede door de verandering van de politieke kleur, groter geworden.

Noord-Brabant lijkt de kraamkamer voor de intensieve veehouderij. Niet alleen op sectorgebied, ook als het gaat om overheidsbeleid. Noord-Brabant investeert regelmatig in diverse onderzoeken, die resulteren in succes (Verbond van Den Bosch) of minder succes (depositiebank ammoniak). Den Haag lift hier gewillig op mee. Als Brabant met goede ideeën komt, worden ze landelijk uitgerold. Vanuit dit oogpunt kan er, in navolging van Brabant best een landelijke discussie komen over de definitie van grondgebonden veehouderij, met het oog op de intensivering van de melkveehouderij.

Of registreer je om te kunnen reageren.