Redactieblog

548 x bekeken

Neerslaande gelden

De RLI wil 15 procent van de hectaretoeslagen overhevelen voor innovatie. Blijft het geld voor landbouw?

De afgelopen maanden heeft Brussel besloten hoe het verder moet met het landbouwbeleid in de periode tot 2020. Een stabiel budget, vergroenen, en op weg naar een gelijke hectaretoeslag (flat rate) in alle regio's. De lidstaten mogen maximaal 15 procent van het geld dat voor hectaretoeslagen beschikbaar is overhevelen naar plattelandsbeleid. De Nederlandse Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) heeft een advies uitgebracht aan de regering over hoe de Brusselse besluiten hier het best kunnen worden uitgevoerd.
De RLI stelt voor de stap naar de flat rate zo snel mogelijk te maken, omdat het na 2020 toch verder die kant op gaat. We zouden er dan in een volgende ronde van onderhandelingen, over 'na 2020', beter voorstaan. Dat klinkt nogal vaag. Niemand weet onder welke omstandigheden een volgende onderhandelingsronde gevoerd wordt, en hoe de krachtsverhoudingen dan liggen. Persoonlijk sorteer ik pas voor als ik weet dat er een afslag is die ik wil nemen. Zolang ik niet weet of ik links- of rechtsaf kan, blijf ik midden op de weg.
Daar komt bij dat die flat rate wat mij betreft zo lang mogelijk weg mag blijven. Niet vanwege mijn fabrieksaardappelen telende dorpsgenoten, maar vanwege het feit dat zo'n flat rate niet werkt. Omdat een flat rate transparant en voor iedereen begrijpelijk is, slaat ze volledig neer in een hogere grondprijs. Hoe ondoorzichtiger en onvoorspelbaarder het beleid, hoe meer inkomensondersteuning ervan uitgaat. Zodra de flat rate er is, zal geprobeerd worden die af te schaffen, omdat er geen inkomensondersteuning van uitgaat.
Daarnaast wil de RLI dat de maximale 15 procent wordt overgeheveld voor verdere verduurzaming en innovatie. De landbouw is daar fel tegen; de sector ziet het als het afpakken van boerengeld. Staatssecretaris Dijksma heeft laten weten het advies niet over te nemen.
Toch is het goed even serieus naar het plan te kijken. Stel dat het geld gegarandeerd voor innovatie in en verduurzaming van de landbouw gereserveerd blijft. Dan is er wat voor te zeggen, want dan kan het – mits goed besteed – leiden tot een sterkere landbouw. Ik zie in het advies echter niets van zo'n garantie en ook niets over hoe het geld te besteden. Zonder de garantie gaan andere groepen op het platteland met het geld aan de haal. Het is gratis geld dat vaak aan onzinprojecten besteed wordt. Aan het stimuleren van nieuwe bedrijvigheid op het platteland, terwijl we die met onze ruimtelijke ordeningswetgeving juist willen voorkomen. Of het gaat naar natuurparken of marketingcampagnes. Nee, laat het geld dan maar liever bij de landbouw, zelfs als het deels neerslaat in een hogere grondprijs.

Of registreer je om te kunnen reageren.