634 x bekeken

Handelsminister is schrale troost voor beroofde sector

In de aanloop naar 12 september staat de Beschouwing in het teken van de Tweede Kamerverkiezingen. Elke vrijdag komt een ander thema aan bod, dat een rol speelt in de debatten. Deze week: de minister van Handel.

Voor de agrarische sector was het twee jaar geleden één van de belangrijkste verkiezingsthema’s: het voortbestaan van het ministerie van landbouw (LNV). Hoewel de partijprogramma’s er met geen woord over repten, was het vooraf al duidelijk dat het departement op de schopstoel zat. Een aantal grote partijen, waaronder de latere winnaar VVD en gedoogpartner PVV, had aangekondigd drastisch in het eigen vlees te willen snijden. Minder politici, minder ambtenaren.

Dit keer lijkt het geen onderwerp van debat. Het ministerie is samengevoegd met dat van Economische Zaken (EZ) en functioneert in die hoedanigheid niet merkbaar slechter dan vóór 2010.  In de verkiezingsprogramma’s komt het dan ook niet aan bod. Toch zette het CDA de kwestie onlangs – min of meer ongewild – opnieuw op de agenda. Door vlak voor het zomerreces een pleidooi te houden voor de benoeming van een minister van Handel is de discussie plotseling weer actueel.

De christendemocraten zijn nooit echt voorstander geweest van de fusie van EZ en LNV. Als boerenpartij kent zij het belang van de agrarische sector voor de economie. Zonder expliciet naar die casus te verwijzen, zegt partijleider Sybrand van Haersma Buma dan ook dat destijds te gemakkelijk het mes in de rijksoverheid is gezet. Gedwongen door de onderhandelingspartners had zijn partij daar zonder al te veel bedenktijd mee moeten instemmen, is zijn boodschap.

De werkelijkheid is anders. Ruim een jaar voor het fusiebesluit had de toenmalige fractievoorzitter Pieter van Geel al een pleidooi gehouden voor de opheffing van ministeries. Andere fracties deden dat ook, en het lag goed bij de kiezer. Hoewel hij LNV niet bij naam noemde, sloot hij het departement niet uit. Andere partijen waren daar veel duidelijker in: zij vonden LNV achterhaald. Van Geels opmerking kan daarom niet anders worden gezien dan het begin van het einde van het landbouwministerie.

Maar goed, nu heeft het CDA spijt, want de overheid is wel erg klein geworden. Volgens Kamerlid Ger Koopmans is de portefeuille van staatssecretaris Henk Bleker (landbouw, natuur, handel en post) zó omvangrijk dat beleidsterreinen in gevaar dreigen te komen. En omdat export van cruciaal belang is voor Nederlandse economie moet het nieuwe kabinet een minister van Handel benoemen, vindt hij.

Dit pleidooi is door andere fracties positief ontvangen; gerede kans dus dat deze er gaat komen. En een minister van landbouw dan? Wil het CDA die niet terug? Ongetwijfeld, maar toch zal de partij daar niet voor pleiten. Dat is begrijpelijk, want politici richten hun blik nu eenmaal liever op de toekomst dan het verleden. Bovendien zal het ontvlechten van EZ en LNV veel kosten met zich meebrengen en dat is midden in een economische crisis niet zo handig.

Het is jammer dat de partij zich destijds in de jacht naar de gunst van de kiezer een ministerie met zo veel historie én economisch belang heeft laten ontfutselen. En het is teleurstellend dat anderen daar nu de schuld van krijgen. De benoeming van een Handelsminister biedt een sector, beroofd van haar minister, troost. Maar het is wel een schrale.

Of registreer je om te kunnen reageren.