Commentaar

1347 x bekeken

De prijs van mestverwerking

De contouren van de nieuwe mestwet zijn nu eindelijk helder, de gevolgen niet.

De Tweede Kamer beschikt eindelijk over het wetsvoorstel voor het nieuwe mestbeleid, van staatssecretarissen Henk Bleker (landbouw) en Joop Atsma (milieu). Hopelijk gaat het parlement hiermee na het zomerreces voortvarend aan de slag, want de nieuwe mestwet moet al per 1 januari 2013 van kracht gaan.

Pas als de mestwet is aangenomen, weet de sector veehouderij 100 procent zeker voor welke uitdagingen hij staat. Bovendien is er dan de broodnodige zekerheid voor forse investeringen in mestverwerking, de belangrijkste pijler van het nieuwe mestbeleid. Zo veel is zeker, er moet in korte tijd veel gebeuren.

Op basis van grondgebruik en fosfaatproductie van de veestapel wordt per bedrijf het mineralenoverschot vastgesteld. De afzet ervan moet dan uiterlijk per 15 mei 2013 met de Gecombineerde Opgave geregeld zijn. Een uitdaging voor veehouders, maar ook voor Dienst Regelingen.

Veehouders met een mestoverschot in het Zuiden en Oosten krijgen in 2013 meteen al een mestverwerkingsplicht voor hun kiezen. Twee jaar later is de verplichte verwerking landelijk, met 50 procent voor regio Zuid, 30 procent voor Oost en de rest komt er vanaf met 10 procent.

Spannend is hoe de infrastructuur en de techniek voor mestverwerking zich zullen ontwikkelen. Nog spannender is de prijs per kuub mest die veehouders hiervoor moeten gaan betalen.

Concrete bedragen zijn er nog niet. Dat kan nog een onaangename verrassing worden. Een veehouder met een mestoverschot heeft straks bijna geen andere keus. Ja, een deel van je mestoverschot exporteren mag ook. Maar dat is in de praktijk lastig, risicovol en kostbaar. Daarmee komt de veehouder die moet verwerken in een zwakke onderhandelingspositie met de pioniers in de mestverwerking. Die gaan hiervan zeker profiteren, zowel qua prijs als qua contracttermijn. Misschien toch nu al eens praten met de buurman die ook een overschot heeft over het opzetten van een gezamenlijke installatie?

De Tweede Kamer beschikt eindelijk over het wetsvoorstel voor het nieuwe mestbeleid, van staatssecretarissen Henk Bleker (landbouw) en Joop Atsma (milieu). Hopelijk gaat het parlement hiermee na het zomerreces voortvarend aan de slag, want de nieuwe mestwet moet al per 1 januari 2013 van kracht gaan.

Pas als de mestwet is aangenomen, weet de sector veehouderij 100 procent zeker voor welke uitdagingen hij staat. Bovendien is er dan de broodnodige zekerheid voor forse investeringen in mestverwerking, de belangrijkste pijler van het nieuwe mestbeleid. Zo veel is zeker, er moet in korte tijd veel gebeuren.

Op basis van grondgebruik en fosfaatproductie van de veestapel wordt per bedrijf het mineralenoverschot vastgesteld. De afzet ervan moet dan uiterlijk per 15 mei 2013 met de Gecombineerde Opgave geregeld zijn. Een uitdaging voor veehouders, maar ook voor Dienst Regelingen.

Veehouders met een mestoverschot in het Zuiden en Oosten krijgen in 2013 meteen al een mestverwerkingsplicht voor hun kiezen. Twee jaar later is de verplichte verwerking landelijk, met 50 procent voor regio Zuid, 30 procent voor Oost en de rest komt er vanaf met 10 procent.

Spannend is hoe de infrastructuur en de techniek voor mestverwerking zich zullen ontwikkelen. Nog spannender is de prijs per kuub mest die veehouders hiervoor moeten gaan betalen.

Concrete bedragen zijn er nog niet. Dat kan nog een onaangename verrassing worden. Een veehouder met een mestoverschot heeft straks bijna geen andere keus. Ja, een deel van je mestoverschot exporteren mag ook. Maar dat is in de praktijk lastig, risicovol en kostbaar. Daarmee komt de veehouder die moet verwerken in een zwakke onderhandelingspositie met de pioniers in de mestverwerking. Die gaan hiervan zeker profiteren, zowel qua prijs als qua contracttermijn. Misschien toch nu al eens praten met de buurman die ook een overschot heeft over het opzetten van een gezamenlijke installatie?

Of registreer je om te kunnen reageren.