Redactieblog

845 x bekeken 3 reacties

Winstmaker

Er zit steeds meer spanning tussen de wensen voor dierenwelzijn en de eisen vanuit de milieuhoek.

Ik was onlangs op het terrein van de Peergroup, een kunstenaarsgroep die experimenteel theater maakt. De productieruimtes van de groep staan op een oud munitiedepot. Onderdeel van dat terrein is een stuk bos. In dat bos lopen drie varkens, Bentheimers om precies te zijn. Die maken onderdeel uit van een project 'dat het varken weer dichter bij de mens moet brengen'. Zo is me uitgelegd. De varkens moeten daarom geregeld op reis. Dat is een hele administratieve toestand, maar dat terzijde.

De varkens in het bos hadden het zo te zien goed naar hun zin. Ze waren niet alleen te zien, maar ook te ruiken: de spanning tussen milieu en welzijn in theaterformaat. Steeds meer onderzoekers en beleidsmakers komen er achter dat die spanning een toenemend probleem is. Zo was er vorige week een krantenbericht dat de omstreden 'plofkip' goed is voor het milieu, althans veel beter dan de scharrelende soortgenoten met vrije uitloop. Dat terwijl een onderzoeksinstituut recent vaststelde dat de maatschappij steeds meer belang hecht aan goed dierenwelzijn. Als dierensector zit je dan lelijk tussen twee vuren.

De twee vuren, dierenwelzijn en milieu, hebben niet helemaal dezelfde uitwerking. Milieuproblemen worden meestal vertaald in wetten en regels. Als je je daar niet aan houdt, krijg je straf en verlies je uiteindelijk de mogelijkheid om te kunnen produceren. Dan kun je hoogstens verkassen naar een buitenland waar ze andere milieuwetten hebben. Milieuwetten zijn vaak kostenopdrijvend. Uiteindelijk kunnen ze voor individuele ondernemers voordelig uitpakken, maar op sectorniveau is dat zelden het geval.

Welzijnseisen worden ook wel in regels vertaald, maar daar is de afnemer, en in laatste instantie de consument, meer bepalend. En let op, verschillende consumenten hebben verschillende eisen. Daarom bieden welzijnsachtige eisen de mogelijkheid om deelmarkten af te bakenen. Marktsegmentering is een goede mogelijkheid om extra geld te verdienen. Als er consumenten zijn die eieren willen van de meergranenkip, dan is er vast wel een slimme ondernemer die zulke eieren gaat produceren. Het Rondeel-ei is een voorbeeld dat dicht in de buurt komt. Bulk brengt minder op dan een nicheproduct, nietwaar?

Daarom zouden boer en agro-industrie zich vooral druk moeten maken over dierenwelzijn, want daar is winst te behalen. Aan eisen moet je voldoen en die kosten geld, aan kansen kun je verdienen. Dat is zuur voor degenen die niet in staat zijn aan bepaalde welzijnseisen te voldoen, maar op sectorniveau moet je blij zijn met welzijnsbewuste consumenten. De dierminnende bezoeker van de Peergroup lijkt me een prima doelgroep voor vlees van bosvarkens.

Laatste reacties

  • brabantsduitserke

    dirk je bent gek als je aan de telefoon zit met varkensinkopers wordt er niet naar gevraagd ,het enige wat besproken wordt is de prijs . varkensvlees is een wereldmarkt waar jij het over hebt is nederland. pak de landkaart kijk naar nederland een druppel op een gloeiende plaat .heb respect voor ondernemers die gaan voor kwaliteit en de laagste kostprijs. emotie verkoopt niet.

  • joannes

    Een goed idee Dirk maar om dit in de praktijk te brengen is er meer nodig dan overtuiging. Ten eerste moet de groep geintresseerde groep consumenten geindentificeerd worden, vervolgens moet je weten waar ze winkelen. Dan moet de betrokken winkelier bereidt zijn verkoopruimte beschikbaar stellen en zijn medewerking voor een redelijke marge geven. Wanneer eea geindentificeerd is kunnen we gaan rekenen hoeveel , in jouw geval bosvarkens, er per week kunnen worden geleverd en hoeveel die dan moeten gaan kosten met alle kosten plus een redelijke marge voor de producent. Dit eenvoudig weergegeven werkt in Spanje bij de Supermarkt keten Mercadona voorzover ik weet. Een zogenaamde huisleverancier die met een per winkel bepaalde verkoopruimte de maximale verkoop realiseert met een volgens de klanten gedefinieerd assortiment. Volgens klanten gedefinieerd omdat met metingen voor elk bv carbonaadje gemeten wordt voor welke prijs en welke aanbiedingsvorm met welke kwalteit het meeste succes heeft. Met de terugkoppeling naar vleesverwerker, mester, en fokker, wordt bepaalt wanneer hoeveel in welke kwaleit moet worden aangeleverd in de verschillende schakels.

  • joannes

    Vervolg: Dit is niet meer produceren voor een markt vol van tussen personen, en meeëters, maar een logistieke keten die precies weet dat een varken, wat met kersmis gegeten wordt , een aantal maanden daarvoor geboren moet worden. Op deze manier hebben de keten participanten tegen een redelijke stabiele vergoeding allemaal baat bij die consument die met zijn feedback verteld hoe en wat hij wil voor zijn product.

Of registreer je om te kunnen reageren.