Redactieblog

934 x bekeken 2 reacties

LTO moet kiezen

Met een wet tegen megastallen voelt Bleker de sfeer goed aan.

Bleker heeft aangekondigd dat er een wet tegen megastallen komt. De man voelt meestal goed aan hoe het grote publiek denkt, dat is ook bij dit onderwerp het geval. Het is trouwens nog maar de vraag of zo’n wet er echt komt, want het is technisch een lastig onderwerp. De Raad voor het Landelijk Gebied deed er een paar jaar geleden onderzoek naar, maar de geleerden kwamen er niet uit. Gaat het om een maximum aantal nge’s, een maximum vloeroppervlak of een maximum aantal dieren? Door het juridisch splitsen van een bedrijf valt er heel wat wet te omzeilen.
LTO is tegen een wet, die wil eerst onderzoek afwachten naar de gezondheidsrisico’s van megastallen. Dat zegt LTO omdat ze zich niet wil branden aan dit onderwerp. Toch zou het beter zijn als LTO zich wel wilde branden. Want los van de technische kant van het verhaal, de maatschappij heeft het niet op koe- en varkensfabrieken. Het gaat er niet om dat er geen gezondheidsrisico’s zijn, die zijn vast wel beheersbaar. Het gaat er niet om dat grote stallen niet inpasbaar zijn in het landschap, dat zijn ze vast wel. Nee, het ligt gevoeliger. Niet alleen dierenactivisten, ook een brede groep gewone mensen en zelfs modale boeren zien stallen voor 1.000 koeien of 20.000 varkens nu niet zitten. Omdat ze die schaal niet willen, ontstaan er protesten en procedures en dat is heel slecht voor het imago van de landbouw. Als er één ding heilig moet zijn voor LTO, dan is het dat imago.
Op een symposium op 12 mei gaan we in op ‘het platteland als consumptieruimte’. Daar heeft de producent niet meer het alleenvertoningsrecht, er wordt ook gewoond en gerecreëerd. En daar past een schaalsprong van 100 naar 1.000 koeien niet in. LTO kan zich beter vierkant opstellen achter Bleker. Dan kan ze proberen de wet zo vorm te geven dat de maximumgrens in de tijd verschoven kan worden. Want de Raad stelde ook vast dat het begrip mega verandert in de tijd.

Laatste reacties

  • mvisser

    LTO Nederland is het eens met de heer Strijker wanneer hij stelt dat er in de maatschappij en ook bij veel veehouders weerstand is tegen een vergroting van bedrijven boven het niveau van het familiebedrijf. Dat hebben we ook aangegeven in de persverklaring van 16 maart 2012.

    In zijn algemeenheid gesteld moeten stallen passend zijn voor mens, dier en omgeving. Investeringen zijn nodig voor vernieuwing en voor verduurzaming van bedrijven om gezond en veilig voedsel te produceren. Dieren moeten een gezond en goed bestaan hebben. De onderneming moet draagvlak hebben binnen de omgeving en toegevoegde waarde leveren aan de omgeving.

    LTO Nederland is van mening dat een duidelijke grondslag voor een maximum omvang aan stallen of aantal dieren ontbreekt. Er zijn verschillen tussen bedrijven, regio's en sectoren. Vanuit de samenleving wordt wel gevraagd een grens te noemen om te garanderen dat onbegrepen mega-ontwikkeling in ons land niet mogelijk is. Naar de mening van LTO Nederland lijkt een bedrijf dat kan voorzien in een inkomen voor maximaal vier tot vijf gezinnen in de meeste situaties een redelijke en maatschappelijk acceptabele omvang.

    Siem Jan Schenk,
    portefeuillehouder Omgeving
    LTO Nederland.

  • j_otten@quicknet.nl

    De aanstaande wet megastallen

    Rijdend door Nederland valt het mij op dat de randen van (snel)wegen buiten de bebouwde kom meer en meer volgebouwd zijn gaan worden. Gebouwd wordt met een opvallende variatie in grootte, vorm en kleurstelling. Van enige samenhang is m.i. geen sprake. Maar...dat kan in ons land omdat de markt/economie het verlangt.

    Kijken we nu naar de agrarische sector dan ligt de bouwgrootte, -vorm en -kleurstelling van stallen ineens onder vuur en komt de laatste jaren o.a. de diergezondheid (terecht) ter sprake. En daarbij komt dan nog eens het verschil van inzicht van Provinciale besturen (Groningen versus Overijssel !).
    Naast bouwnormen speelt nu de organisatie van de meststromen. Plannen zijn in de maak om elke boer af te rekenen op productie van mest en de verantwoorde verwerking ervan.

    Prof. Dr. Dirk Strijker vindt dat LTO zich moet bemoeien met dit onderwerp.

    Mijn droom is dat het toch mooi zou zijn indien ELI & LTO met een formule zouden komen, waarin de relatie ''aantal dieren - diergezondheid - oppervlakte stallen/bouwblok - oppervlakte hectares - maximale productie/verwerking mest'' in één alles omvattende wet vastgelegd wordt.

    Of er nu een stal gebouwd gaat worden van 133 of 333 koeien is dan niet meer relevant. Als de boer voldoet aan de (nieuwe) wettelijke eisen mag hij bouwen en dan ook in alle provincies van ons land.

    Jan Otten, boerenkleinzoon

Of registreer je om te kunnen reageren.