Redactieblog

959 x bekeken 2 reacties

Goedkoper voedsel

Sinds 1990 zijn de totale kosten van levensonderhoud in Nederland met ruim 50 procent gestegen. De voedselprijzen in de winkel gingen ongeveer 35 procent omhoog. Anders dan krantenkoppen over hoge voedselprijzen soms suggereren, is voeding de laatste twintig jaar dus niet duurder, maar verhoudingsgewijs juist goedkoper geworden. De consument heeft op dit punt geen reden tot klagen.

De prijzen die boeren en tuinders krijgen, zijn de afgelopen 20 jaar slechts een procent of tien gestegen; gecorrigeerd voor inflatie was er een daling van zo’n 30 procent. Die daling is maar voor een klein deel – 3 à 4 procent – gecompenseerd door de toeslagen. Het aantal agrarische bedrijven is sinds 1990 dan ook bijna gehalveerd.
De afstand tussen boerenprijzen en consumentenprijzen is duidelijk toegenomen. Dat kan komen doordat producten meer bewerkingen ondergaan, of doordat schakels in de keten na de boerderij te maken hadden met relatief sterke kostenstijgingen, of doordat deze schakels dankzij een toenemende concentratie van marktmacht een groter deel van de koek binnen halen.
De voedselprijzen op de wereldmarkt zijn volgens de FAO sinds 1990, na correctie voor inflatie, met ongeveer 35 procent gestegen. De druk op de opbrengstprijzen wordt dus waarschijnlijk niet veroorzaakt door de wereldmarkt. Waar dan wel door? Denkbaar is dat de toename van het aanbod meer dan voorheen de groei van de vraag overtreft, mede doordat Europese markten verzadigd raken. Ongetwijfeld is ook de afbraak – door de verantwoordelijke politici meestal ’hervorming’ of ’modernisering’ genoemd – van het EU-markt- en prijsbeleid vanaf het begin van de jaren negentig van belang. Daardoor kwamen de prijzen in de EU dichterbij het (lagere) wereldmarktpeil.
Bovendien speelt de strijd om het marktaandeel tussen de supermarktconcerns een rol. De lasten daarvan komen immers terecht bij de zwakste schakel in de keten: de primaire producent. Sommige grootgrutters schijnen dit mechanisme niet in te zien en proberen ijskoud leveranciers een paar procent extra korting op te leggen.
Waar blijft dat betere verdienmodel?

Laatste reacties

  • trekker123

    Hoezo verdienmodel? Alleen beursgenoteerde ondernemingen werken met verdienmodellen. Een boer produceert er maar wat op los en wacht dan lijdzaam af wat er voor zijn product wordt betaald. De grootgrutter koopt gewoon in voor de laagste prijs waarvoor je het kunt kopen. Beetje kijken wat de concurrent doet, dan weet je wat je er in de winkel voor kunt vragen. En die stuk of wat spelers in de markt zijn slimmer dan de boeren waar er nog steeds veel van zijn en die ook nog steeds graag werken. Omdat ze het zo mooi vinden. Grootgrutters vechten om marktaandeel en weten dat zo in te richten dat er grosso modo toch een goed rendement wordt gehaald. De min of meer luxe positie van de laatste schakel in de markt is dat je tot op zekere hoogte kunt bepalen of je een product wel wilt verhandelen en tegen welke marge. Omdat er zo lekker veel boeren zijn die overwegend menen het slimste jongetje van de klas te zijn en bovendien toch geen kant op kunnen is hun lot niks anders dan maar te accepteren wat ze voor hun product kunnen krijgen. En voor boeren die menen dat de retail het maar mooi makkelijk heeft is er ook een eenvoudige oplossing. Je kunt ook mede eigenaar worden van zo'n keten. Aandeelhouder heet dat. Een van de weinige, misschien wel de enige supermarkt in Nederland voor zover mij bekend waar boeren min of meer zelf zitten te retailen is Agrimarkt in Goes (CZAV). Draait al jaren best lekker.

  • joannes

    Beste Cees, vergelijk ook eens het aangeboden assortiment van 1990 met dat van 2012 in de supermarkt en je zult ontdekken dat we ons voedsel nu anders kopen. Wanneer je dan ook nog eens een kwartiertje op een bankje in het winkelcentrum gaat zitten, in de Randstad, zul ook ontdekken dat de gemiddelde Nederlander groter en vooral dikker is geworden. Kijken we naar de consumptie van gewoon zuivel en vlees dan is dat aan het afnemen de laatste jaren. Kortom er is meer aan de hand dan een relatieve verandering van de voedselkosten voor de consument of de verdeling van de marges in de keten. Verdienmodelen of wat anders: de consumptie patronen zijn behoorlijk veranderd en we moeten in lijn met deze veranderingen meeveranderen om de marges te scoren die de continuiteit borgen.

Of registreer je om te kunnen reageren.