1053 x bekeken

We moeten de tijd niet terugzetten, geliberaliseerde pacht is geschikt

De FPG vindt het overdreven te stellen dat het nieuwe pachtsysteem leidt tot onaanvaardbare prijzen. En geliberaliseerde pacht is goed, stelt ze, al wil de FPG de positie van zittende, reguliere pachters niet ondermijnen.

De afgelopen tijd zijn er vanuit de kring van pachters signalen afgegeven die de instandhouding van het instituut pacht niet bevorderen. Geliberaliseerde pacht, die als bedreiging van reguliere pacht wordt gezien, zou moeten worden afgeschaft en/of zodanig moeten worden aangepast dat deze pachtvorm niet meer voor grondeigenaren interessant is. In feite wil men de tijd weer terugzetten.

Wat sommige pachters helemaal lijken te vergeten, is dat verpachters nauwelijks meer regulier verpachten, omdat deze pachtvorm door het recht op verlenging, recht op indeplaatsstelling, het voorkeursrecht en pachtprijsregulering geheel niet meer aantrekkelijk is. Slechts bij hoge uitzondering wordt er nog regulier verpacht. Een verpachter gaat zijn grondbezit toch niet ’eeuwigdurend’ aan een agrarisch ondernemer in gebruik geven? Hij kiest voor geliberaliseerde pacht of erfpacht.

De eigenaar wil op een gegeven moment de pachtrelatie evalueren en de mogelijkheid hebben nieuwe wegen in te slaan door nieuwe ontwikkelingen in en buiten de landbouw. Dat laat onverlet dat de meeste verpachters langjarig en duurzaam willen verpachten, waardoor de ondernemer kan investeren met aan het einde van de pacht een adequaat melioratierecht.

Daardoor is geliberaliseerde pacht als vorm van loopbaanpacht zonder pachtprijsbeheersing bij uitstek een geschikte vorm. De Federatie Particulier Grondbezit (FPG) heeft dat in haar vorig jaar uitgebracht pachtvisie als een van de speerpunten naar voren gebracht waarbij de positie van de huidige, zittende reguliere pachter niet wordt aangetast.

Het toepassen van het nieuwe pachtprijsstelsel leidt in sommige gebieden tot onevenwichtigheden. Bij die kritiek kunnen we ons wel iets voorstellen, maar dat het nieuwe systeem in het algemeen leidt tot onaanvaardbare hoge pachtprijzen is zonder meer overtrokken. In individuele gevallen zal dat voorkomen, maar dan kan men een beroep op de Grondkamer doen.

Uiteraard komen pachtverhogingen de landbouw nooit goed uit, maar laten we er voor oppassen om dan de rekening bij de verpachter te leggen. Dat is de weg van de minste weerstand en leidt uiteindelijk tot onttrekking van particulier kapitaal uit de landbouw.

Het ondernemingsrisico mag niet worden afgewenteld op de verpachter. Het directe rendement van verpachten is erg laag, zeker als we de fiscale lasten betrekken. Uit de pacht moeten immers eigenaarslasten zoals beheer, waterschapslasten en landinrichtingsrente worden betaald, alsmede fiscale lasten. Het indirecte rendement van verpachten wordt door sommigen als argument genoemd om lage pachtprijzen te rechtvaardigen. Ten onrechte. Verpachters willen in de regel niet verkopen en willen de waarde-ontwikkeling in verpachte staat niet incasseren.

Kortom de verpachter is een veilige belegger die een redelijk rendement wil en die gebaat is bij een langjarige pachtrelatie die na verloop van tijd geëvalueerd moet kunnen worden.
Ronnie van Woudenberg is secretaris-directeur Federatie Particulier Grondbezit (FPG)

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.