Redactieblog

258 x bekeken

Boerenbeheer

Niet alle natuurbeheer is geschikt voor boeren.

Vorige week kwam ik zwaar in het nieuws vanwege een artikel in dagblad Trouw. In dat stuk had een journalist interviews met verschillende hoogleraren aan elkaar geknoopt. Het leek er zelfs op dat de betreffende lieden gezamenlijk een initiatief begonnen waren om het natuurbeleid van Bleker pootje te lichten. Terwijl ik vorig jaar een petitie tegen Blekers beleid bewust niet getekend heb. In het artikel wordt geschetst dat landbouwgrond dood en agrarisch natuurbeheer zinloos is.
Ik was er niet blij mee, omdat ik het met de lijn van Bleker eigenlijk wel eens ben. Hij wil dure natuuraanleg beperken en boeren een grotere rol geven in de natuurontwikkeling. Niet zo gek, natuurontwikkeling begint steeds meer op grootschalig tuinieren te lijken. Er is echter een maar. Een deel van het natuurbeheer zit in gebieden waar landbouw helemaal geen rol speelt.
Boeren zijn niet de aangewezen groep om moerassen en schraalland te beheren. Natuur die vooral gericht is op het in standhouden van kwetsbare, bijzondere soorten laat zich doorgaans niet combineren met agrarisch gebruik. Spuitvrije zones, aangepaste maairegimes en akkerrandbeheer helpen zonnedauw of struikheide niet aan een stabiele toekomst.
Boerenbeheer is wel geschikt voor soorten die van oudsher bij het boerenbedrijf horen. Weidevogels, zwaluwen, roofvogels en traditionele weideplanten zijn in sommige gebieden goed door boeren te beschermen. Niet de hoogwaardigste biodiversiteit, wel leuk om te zien. En boeren zijn goed in het beschermen van agrarisch cultuurlandschap, beter dan grote organisaties.
Als Bleker een grotere rol voor boeren wil, kiest hij voor boerenlandschap en voor de eenvoudiger soorten. Niks mis mee. Probleem is dat we allerlei binnenlandse en internationale verplichtingen hebben om ook de dure soorten vooruit te helpen. Daar heeft boerenbeheer weinig aan bij te dragen, misschien afgezien van weidevogelbeheer. Benieuwd hoe hij dat oplost.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.