Redactieblog

149 x bekeken

Vragen aan Europese Hof over nieuwbouw

Betreft het 19 procent btw of 6 procent overdrachtsbelasting. Dat scheelt nogal een slok op een borrel. Het is niet altijd even duidelijk of er bij de verkoop van onroerend goed de ene of de andere belasting van toepassing is. De Hoge Raad heeft verduidelijking gevraagd aan de hogere Europese rechter.

In november 2009 heeft het Europese Hof van Justitie in de zaak Don Bosco antwoord gegeven op een aantal prejudiciële vragen van de Hoge Raad met betrekking tot de uitleg en invulling van de begrippen bouwterrein en gebouw. Het Hof heeft daarop geantwoord dat ingeval een terrein wordt verkocht met daarop een deels gesloopt gebouw, dit terrein voor de btw als onbebouwd kan worden aangemerkt.

Voor de heffing van btw of overdrachtsbelasting heeft dit gevolgen. Is het terrein voor de btw aan te merken als bouwterrein, dan is bij verkoop 19 procent btw verschuldigd. De koper kan dan meestal gebruik maken van een vrijstelling overdrachtsbelasting. Als het gaat om een ander terrein (geen btw-bouwterrein) dan is geen btw verschuldigd, maar moet de koper 6 procent overdrachtsbelasting betalen. Bij nieuwbouw geldt een vergelijkbare regel.

Kort geleden heeft de Hoge Raad een nieuwe vraag aan het Hof gesteld, maar nu over nieuwbouw. De Hoge Raad stelt de vraag hoe moet worden omgegaan met de situatie waarin een deels gesloopt gebouw wordt verkocht, dat daarna door de koper ingrijpend wordt verbouwd tot een nieuw pand (vernieuwbouw). Kwalificeert het deels gesloopte gebouw als een ‘oude’ onroerende zaak zodat bij verkoop de btw-vrijstelling van toepassing is, of is sprake van het creëren van een nieuw gebouw (vernieuwbouw). In dat geval moet ook rekening worden gehouden met de verbouwing tot een nieuw pand door de koper en is bij verkoop wel btw verschuldigd.

Of registreer je om te kunnen reageren.