70 x bekeken

Kleiner parlement moet leiden tot meer focus

Het kabinet wil de Eerste en Tweede Kamer inkrimpen. Met minder leden kan er effectiever worden gewerkt en het is nog goedkoper ook. Maar is het parlement dan nog wel in staat de regering te controleren?

Ruim een jaar geleden stak oud-Kamervoorzitter en VVD-lid Frans Weisglas publiekelijk de loftrompet over Groenlinks. In een ingezonden brief in de Volkskrant noemde hij het toen verstandig dat het congres van die partij een voorstel tot verkleining van het parlement had verworpen. ”Ik hoop dat andere partijen, waaronder de mijne, dit voorbeeld zullen volgen”, schreef hij.

De wens bleek echter de vader van de gedachte. Vlak voor het zomerreces stemde de ministerraad namelijk in met het voorstel van premier Mark Rutte, partijgenoot van Weisglas, om de Eerste en Tweede Kamer in te krimpen. Als het aan het kabinet ligt, moeten beide instituties het straks met eenderde aan leden minder doen. Dit past in het streven van het kabinet, dat eerder al het aantal ministeries terugbracht, de overheid af te slanken.

Volgens Rutte zijn er verschillende goede argumenten voor deze stap. Hij vindt dat het parlement zich nu te veel met bijzaken bezighoudt en hoopt dat een kleinere omvang dwingt tot herbezinning. Daarnaast gaat van inkrimping een signaal uit: in een tijd dat iedereen de hand op knip moet houden, geeft de overheid het goede voorbeeld. En ten slotte laat deze stap zien dat ’de politiek niet het geluk van iedereen kan bevorderen’.

Tegenstanders vinden dat geen van deze redeneringen hout snijdt. Zo vrezen zij dat Kamerleden straks hun werk niet meer goed kunnen doen. Het beoordelen van de grote hoeveelheid aan wet- en regelgeving die de verschillende ministeries produceren, vereist nu eenmaal veel tijd – ook als parlementariërs zich tot de hoofdlijnen beperken. Volgens Weisglas en anderen zal er ’verschraling van de wetgevende en controlerende taken’ van de Kamers optreden met als gevolg dat de macht van de regering ten opzichte van de volksvertegenwoordiging toeneemt.

De signaalfunctie van het voorstel is bovendien zeer beperkt. Het naar huis sturen van 25 senatoren en 50 Tweede Kamerleden draagt nauwelijks bij aan de de besparingsvoornemens van het kabinet, iets wat Rutte overigens zelf ook toegeeft. De prijs voor deze minimieme bezuiniging is daarmee wel erg hoog, betogen Weisglas en co.

Uitgaande van de huidige samenstelling van de Tweede Kamer zou een groot aantal politici met een agrarische portefeuille Den Haag moeten verlaten. Voor Sander de Rouwe (CDA), Lutz Jacobi (PvdA), Stientje van Veldhoven (D66), Henk van Gerven (SP) en Esther Ouwehand (PvdD) is er volgens het voorstel van Rutte geen plaats meer. Daarmee verliest de Kamer tegelijkertijd zijn kampioenen vragenstellen en moties indienen (in beide gevallen Henk van Gerven). Het zijn dan ook vooral de kleinste, veelal linkse, fracties die het zwaarst worden getroffen.

Maar zover is het nog lang niet. De inkrimping vereist een grondwetswijziging en daarvoor moet in beide Kamers tot twee keer toe een meerderheid worden behaald, waarvan de twee maal met tweederde. Daarmee is de realisatie van Ruttes voornemen nog ver weg en blijven alle zetels voorlopig nog warm. Niettemin zal Weisglas de loftrompet in eigen kring voorlopig wel niet tevoorschijn halen.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.