96 x bekeken

’Verblekering’ van het landschap: rechtse hobby of weer polderen?

Waar wil Bleker naartoe met het landschapsbeleid? Cora van Oosten legt scenario’s voor. ’Verblekering’ hoeft geen achteruitgang te betekenen, maar heel anders wordt het als hij simpelweg gaat bezuinigen, stelt ze.

Bieden de kabinetsplannen voor de natuur nieuwe kansen voor innovatief landschapsbeheer, of staan ze voor het einde van het Nederlandse landschap? Sinds enkele maanden woedt er een felle discussie over de beoogde bezuinigingen op het Nederlandse natuurbeleid. ’Verblekering’ van het landschap is de nieuwe term die staat voor het verkleinen van de Ecologische Hoofdstructuur, bevriezen van bijbehorende grondaankoop, afzien van de geplande robuuste verbindingszones, terugdringen van de invloed van natuurbeheersorganisaties en meer ruimte voor boeren en bedrijven om bij te dragen aan het beheer van het landschap.

”De natuur moet weer van de mensen worden”, zo zegt staatssecretaris Bleker, zonder precies te zeggen wat hij daarmee bedoelt.

De gevoerde discussie heeft een sterk welles-nietesgehalte. Met aan de ene kant de eco-cratie, die schreeuwt dat de Nederlandse natuur, met hiermee hun eigen bestaansrecht, dreigt te verdwijnen; en aan de andere kant de ’nieuwe zakelijken’, die brood zien in het Nederlandse landschap als ’unique selling point’, en de natuur het liefst naar de beurs brengen.

Een derde groep vertegenwoordigt voorstanders van agrarisch natuurbeheer, die blij zijn met het openbreken van de discussie, en pleiten voor een minder scherpe scheiding tussen natuur en cultuur, en hernieuwde ruimte zien voor een sterke samenwerking met boeren voor een pragmatisch natuurbeheer in multifunctionele landschappen. Maar is dit inderdaad waar Bleker voor pleit?

De Nederlandse discussie past goed binnen het internationale debat over landschap en landschapsbeheer. Hierin wordt algemeen erkend dat wereldwijde versnippering van het bosareaal ten gevolge van bevolkingsgroei en toegenomen exploitatie heeft geleid tot het ontstaan van mozaïeklandschappen, die integraal beheerd dienen te worden. Landschapsherstel, meestal aangeduid met de term ’(forest) landscape restoration’, propageert een herstel van het evenwicht tussen ecologische samenhang (natuur) en menselijk welzijn (cultuur). En in het geval er geen verantwoord evenwicht mogelijk is, dient er een afweging plaats te vinden op basis van ecologische én sociaaleconomische criteria.

Met herstel wordt nadrukkelijk niet de oorspronkelijke staat van het landschap bedoeld, maar het herstel van de functies van het landschap op het gebied van niet alleen natuur, waterregulering en opslag van CO2, maar ook van productie, cultuur en recreatie. Beheer van dergelijke multifunctionele landschappen is hierin geen taak van overheden, maar van gezamenlijke belanghebbenden, bijeengebracht in overlegstructuren. Polderen, dus eigenlijk, iets wat we zo goed konden in Nederland.

Is dit de richting waar Bleker naartoe wil? Als dat zo is, dan zou ’Verblekering’ geen achteruitgang betekenen, maar juist een vooruitgang voor het Nederlandse landschap. Minder overheid, minder grondonteigening, meer multifunctionaliteit, en meer lokaal eigenaarschap. Met participatieve beheersstructuren, waarin actief wordt gezocht naar gemeenschappelijk belang, en gezamenlijk leren.

Met subsidiemogelijkheden om het zo bedreigde Nederlandse landschap, met al haar multifunctionaliteit, te herstellen en duurzaam te beheren. Terug naar de polder dus eigenlijk.
Het is echter de vraag of dit bezuiniging zal opleveren, omdat herstel van het landschap, behoud van biodiversiteit, samenwerking, onderling vertrouwen en gezamenlijk leren nou eenmaal wat kost.

Maar als ’Verblekering’ neerkomt op een simpele bezuinigingsoperatie, met niet alleen minder overheid maar ook minder samenwerking, minder mogelijkheden voor participatieve beheersstructuren en minder financiële stimulering van lokale particuliere initiatieven ondersteund door slim ruimtelijk beleid, dan vormt het een bedreiging van het landschap en een verarming van zowel natuur als cultuur.

Want zo gaat het met polders: als je stopt met pompen, dan loopt de boel onder.

Cora van Oosten werkt voor het Wageningen Centre for Development Innovation en de WU Forest and Nature Conservation Policy Group van Wageningen UR

Dit is een uittreksel van een stuk uit Vakblad Natuur Bos Landschap

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.