185 x bekeken 1 reactie

Via Appia ontsnappingsroute voor minister van duurzaamheid

Er zijn oud-bewindslieden die slechter terechtgekomen. Gerda Verburg, landbouwminister tussen 2007 en 2010, verlaat donderdag de Haagse politiek om een dag later de post van permanent vertegenwoordiger bij de landbouw- en voedselorganisatie FAO in Rome te aanvaarden.

Onder leiding van de nieuwe voorzitter José Graziano da Silva zal zij zich de komende jaren buigen over de vraag hoe de wereldvoedselproductie kan worden verhoogd zonder dat dit ten koste gaat van natuur, milieu en biodiversiteit. Een kolfje naar haar hand, want aan het Bezuidenhout was het begrip duurzaamheid steevast prioriteit nummer één van de boerendochter en hardloopster uit Woerden.

Gerda Verburg kwam op 19 mei 1998 als 40-jarige namens het CDA in de Tweede Kamer. Zij had er toen al een lange carrière bij vakbond CNV opzitten, waarvan zeven jaar als bestuurslid, en een korte periode als zelfstandig ondernemer in de communicatiesector. De overstap naar het Haagse was niet vanzelfsprekend. “Wie mij een jaar daarvoor zou hebben gevraagd of ik de politiek in wilde gaan, had een vriendelijk doch beslist nee gehoord”, zegt zelf hierover. “Maar mijn partner zei: schat, ga maar eens vier jaar proberen wat jij voor de politiek kan betekenen en de politiek voor jou.” Dat bleek genoeg om het zeker drie keer zo lang vol te houden.

Na een succesvol Kamerlidmaatschap, waarop Verburg zich profileerde als woordvoerder sociale zaken, werd zij in februari 2007 minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) in het vierde en laatste kabinet Balkenende. Als eerste vrouw en openlijk homoseksueel op die post werd aanvankelijk door sommigen gespeculeerd of zij wel geaccepteerd zou worden door de agrarische sector. Al snel bleek dat geen obstakel, maar haar ideeën over de koers van de land- en tuinbouw des te meer. Na een halfjaar verzuchtten CDA-Kamerleden als Ger Koopmans en Joop Atsma (nu staatssecretaris van milieu) dat de nieuwe minister wel eens wat meer belangstelling aan de dag mocht leggen voor de ‘harde kanten’ van het ondernemerschap.

Eén van Verburgs eerste wapenfeiten was de presentatie van haar visie op de toekomst van de intensieve veehouderij. In een lijvige nota beschreef zij hoe die sector binnen vijftien jaar zou moeten uitgroeien tot een duurzame tak van sport met een breed draagvlak in de samenleving. De criticasters in haar eigen partij zagen hiermee hun angsten bewaarheid: de minister heeft te weinig oog voor waar het op boerenbedrijf echt om draait, namelijk het bedrag onder streep. Maar ook links was niet te spreken over de nota, waarin concrete maatregelen om de genoemde doelstelling te bewerkstelligen zouden ontbreken. Verburg sprak wel voortdurend over verduurzaming, maar was dat geen inhoudsloos begrip?

Het bleek een voorbode voor de rest van haar ministerschap. Want haar hele periode als bewindsvrouw bevond zij zich in een spagaat tussen het stimuleren en bijstaan van de sector enerzijds en het beperken van de negatieve effecten van de land- en tuinbouw anderzijds. Wat bevreesd om op tenen te gaan staan en overtuigd van haar idealen koos Verburg doorgaans voor de gulden middenweg: verduurzaming stond centraal, maar boeren moesten het wel kunnen meemaken. Vanuit diezelfde gedachte schreef zij nota’s over onder meer dierenwelzijn en gezonde voeding en ontwikkelde een visie op de toekomst van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (de zogenoemde Houtskoolschets). Voor geen van die plannen bestond buitengewoon veel enthousiasme in sector en politiek (‘ik ben ijdel genoeg om het leuk te vinden als boeren voor mij de wave aanheffen, maar lig er niet wakker van als dat niet gebeurt’), maar grote weerstand was er evenmin.

Dat wil niet zeggen dat zij nooit in problemen is gekomen. De inmiddels beruchte glossy Gerda bracht haar aan het wankelen, evenals de aanpak van Q-koorts in 2009. Eerder ingrijpen had wellicht de grootschalig ruimingen van schapen en geiten kunnen voorkomen, maar volgens Verburg was dat op basis van de toenmalige kennis niet proportioneel geweest. Uit interne documenten bleek later dat er grote verschillen van inzicht bestonden tussen de ministeries van landbouw en volksgezondheid, waaruit het beeld is ontstaan dat sectorbelangen lang hebben geprevaleerd. De commissie-Van Dijk, die de aanpak door het kabinet onderzocht, concludeerde eerder dit jaar dat de bestrijding van zoönosen voortaan beter kan worden ondergebracht bij dat laatste departement.

Verburg was graag nog een periode doorgegaan als minister van LNV. Ondanks haar openlijke steun aan samenwerking met de PVV, daar waar anderen felle kritiek leverden, was haar dat niet gegund. Eerst werd bekend dat haar oude departement zou worden opgeheven en in de banencarrousel van het formatieproces viel zij ook voor andere departementen buiten de boot. Wel werd haar nog het fractievoorzitterschap aangeboden, maar daar voelde zij niets voor; bij regeringsdeelname geldt die functie als bijzonder ondankbaar. Wat overbleef was een ietwat roemloos Kamerlidmaatschap met energie als hoofdonderwerp in haar portefeuille. Het was geen geheim dat Verburg zocht naar een ontsnappingsmogelijkheid.

Met de FAO is die er gekomen. “Ik zie het als een uitdaging en opdracht om de honger in de wereld terug te dringen”, schreef Verburg in haar afscheidsbrief aan Kamervoorzitter Gerdi Verbeet. “In 2050 moeten negen miljard mensen op een verantwoorde wijze worden gevoed; daar ga ik een bijdrage aan leveren.” Een nobel doel, dat zij als vertegenwoordiger van de Nederlandse regering in het hoofdkwartier van de landbouw- en voedselorganisatie van de Verenigde Naties vanaf vrijdag probeert na te streven. Weg van het Haagse gekibbel en tussen gelijkgestemden, zal zij zich daar ongetwijfeld op haar gemak voelen; dat haar ambtswoning gelegen is aan de oudste weg ter wereld vergroot de vreugde nog meer. Verbeet: “Uw hardloopschoenen gaan mee. De keien van de Via Appia zijn gewaarschuwd.”

Foto

Eén reactie

  • no-profile-image

    Lachwekkend dat een ex-minister van landbouw, die jarenlang verantwoordelijk was voor een mestwet, die er onder meer juist voor zorgt dat de opbrengsten teruglopen, zo'n functie krijgt. Daaruit blijkt maar weer dat de grootste nitwitten op de hoogste posten zitten.

Of registreer je om te kunnen reageren.