212 x bekeken 2 reacties

Alleen de burger kan politiek bedrijven, de consument niet

De burger en de consument zijn niet één en dezelfde persoon, betoogt Harm Schelhaas. Alleen de burger kan politiek bezig zijn; de consument niet. De politiek moet daarom waarmaken wat de burger wil.

‘De consument zit aan het roer, de consument en de burger, dat zijn twee handen op één buik, maar de burgerconsument is wel hypocriet, hij is tegen megastallen maar wil wel goedkoop megastallenvlees’, aldus Irene van de Voort, biologisch boerin, in agd.media op 24 mei. Het is een variant op de aloude uitspraak dat de consument moet waarmaken wat hij als burger wil. Het is een aanvechtbare uitspraak.

Allereerst omdat dé consument niet bestaat. In Nederland alleen al zijn vele miljoenen consumenten en ze zijn allemaal verschillend; ze zijn er in alle soorten en maten. En geen van die consumenten heeft individueel enige invloed op de markt.

Belangrijk is dat de functie van burger en consument verschillend is: de burger is politiek bezig, hij kan ijveren voor effectieve wetten die voor iedereen gelden. De consument moet zijn inkomen zo goed mogelijk en naar eigen inzicht te besteden. Of hij nu wel of niet bij zijn aankopen rekening houdt met maatschappelijke waarden, zoals voor of tegen megastallen - zijn invloed op de markt is nihil. Maar hij zit meestal wel met hogere kosten. Alleen consumenten die om ‘des gewetens wil’ blijven kiezen voor maatschappelijk verantwoorde producten, houden het vol.

De economische theorie heeft zich diepgaand bezig gehouden met het gedrag van de consumenten; de conclusie is dat niet de consumenten maar de politiek moet waarmaken wat de burger wil. Zelfs jarenlang en breed gedragen acties zoals die voor Max Havelaar koffie, hebben slechts een marginale invloed gehad op het aankoopgedrag van de consumenten.

Een belangrijke reden is dat er vele maatschappelijke waarden zijn waarmee de consument rekening zou moeten houden, en zelfs de meest bevlogen consument kan ze niet allemaal nalopen, hoogstens slechts enkele. Bij de meeste consumenten zal de vraag of vlees al dan niet op megastallen wordt geproduceerd, niet de hoogste prioriteit hebben.

Volgens Etzioni, een gezaghebbend econoom, zijn er minstens zeven redenen waarom consumenten lang niet altijd (kunnen) kiezen voor artikelen die geproduceerd zijn op maatschappelijk gewenste wijze, hoewel zij op zichzelf daar wel voor zijn.

Waarom ik dit alles schrijf? Omdat de stelling dat de consument moet waarmaken wat hij als burger wil, de discussie op een fout spoor kan leiden. De overheid kan er een excuus in vinden, en doet dat ook vaak, om geen maatregelen te nemen. En de stelling kan boeren verleiden tot irreële standpunten en acties.

Harm Schelhaals is econoom en oud-voorzitter van het Productschap Zuivel

Laatste reacties

  • no-profile-image

    Irende van de Voort, Lunteren

    Voor effectief overheidsingrijpen is een wereldregering nodig, en dat kan nog wel even duren.
    In alle bescheidenheid wil ik graag reageren op de reactie van Harm Schelhaas van 9 juni. Deze econoom en oud voorzitter van het productschap zuivel schetst dat de consument onmachtig is om in zijn eentje megastallen de wereld uit te helpen door bewust te kiezen voor een segment vlees uit een kleine stal. De consument kan het niet doen, want zijn invloed op de markt is nihil. De consument doet het vervolgens ook niet.
    En de consument doet het bovendien sowieso niet, volgens Schelhaas. Hij haalt de koffie aan van Max Havelaar aan als voorbeeld. En inderdaad, inderdaad, de kinderen van de koffieboeren bijten nog steeds op een houtje, lopen in lompen en gaan niet naar school. De consument doet er niets aan. Inderdaad, inderdaad, in die zin zijn we het dan ook volkomen eens. De conclusie dat de overheid dan moet ingrijpen zou ik kunnen delen, maar de vraag blijft HOE de overheid dat dan moet doen. Alsof de kinderen van de koffieboeren niet belangrijker zijn dan megastalletjes in Nederland. Daar heeft de overheid tot nu toe ook niets aan gedaan.
    De overheid staat al even machteloos als die ene consument.
    Als bewijs voor zijn stelling haalt Schelhaas een gezaghebbende socioloog aan, Etzioni, waar zelf Balkenende fan van was volgens Wikipedia. Nou, dan ben ik het ook vast, ik ben maar eens even in Etzioni gedoken. En inderdaad, Etzioni, wat een interessante man. Het individu is niets, het gaat om de gemeenschap waar mensen in leven. Hij pleit voor overheidsingrijpen, de gemeenschap moet zijn verantwoordelijkheid nemen, en ingrijpen als dat nodig is. Etzioni vindt dat je, om daar enige effectiviteit in te krijgen, dan ook een wereldregering nodig hebt.
    Helemaal de spijker op zijn kop. Want als de Nederlandse overheid zou moeten ingrijpen in de megastallen, en ze worden alleen in Nederland verboden, dan schuiven de megastallen naast de koffieboeren in een Derde wereld land, en er is geen haan meer die er naar kraait.
    Zelfs als de Nederlandse overheid dan het vlees uit die buitenlandse megastallen zou willen verbieden op de Nederlandse markt, dan kan dat niet. . >>> vervolg zie boven
    Irene van de Voort, biologisch boerin

  • no-profile-image

    >>> vervol van onder>>>> We leven in Europees verband, en binnen wereldwijde handelsakkoorden. We kunnen de grenzen niet meer sluiten. Dat is voor die koffie waar nooit fatsoenlijk voor betaald is ook nooit gelukt. Die koffie zonder Fair trade, het vlees van grootschalige stallen, het ligt in onze open economie, op de vrije markt, voor het grijpen. De Nederlandse overheid staat machteloos. En op een wereldregering is het nog wel even wachten.
    Dus… wat blijft er dan nu voor dit moment over?? Gewoon, jij en ik. We doen wat we doen. En als we onze verantwoordelijkheid niet nemen, dan hebben we last van elkaar.
    Waarbij ik persoonlijk die megastallen liever hier heb, dan in de Derde wereld, omdat wij het vlees hier eten. Laten wij onze verantwoordelijkheid er dan ook voor nemen. In de geest van Etzioni. En het CDA van Balkenende. Persoonlijk hoop ik dat het CDA dit overneemt als een een stevig, gefundeerd en kloppend agrarisch standpunt. Dat de CDA fractie van Amsterdam tegen megastallen is, vind ik echt een giller. Nu de landbouw zo snel ontwikkeld, zou het CDA een agrarische visie moeten hebben die echt antwoord geeft. Tijd voor een club CDA-agrarisch, binnen het CDA. Misschien kan Schelhaas hier het voortouw in nemen.
    Verder zie ik de hele megastal discussie als een kleine vingeroefening voor het antibiotica gebruik. Wijs alsjeblieft niet naar de overheid, niet naar de boeren, maar naar de consument. Daar zit nog enige hoop. Want die resistente bacteriën, die kijken echt niet naar landsgrenzen. En anders dan bij de megastal discussie, hebben we bij de discussie over antibiotica wel te maken met een echt groot probleem.

    Irene van de Voort, biologisch boerin, Lunteren

Of registreer je om te kunnen reageren.