Redactieblog

348 x bekeken

Verkoop snijgroen is geen bosbouw

Een tuinder heeft geen recht op de bosbouwvrijstelling. De verkoop van snijgroen staat op de voorgrond en niet de instandhouding van de bomen.

Kort samengevat is de uitspraak van rechtbank Den Haag de volgende:

Een tuinder exploiteert in VOF-verband samen met zijn zoon een tuindersbedrijf. De activiteiten van de VOF bestaan uit het kweken van planten in potten en het snoeien van bomen voor de verkoop van snijgroen op de veiling.

De tuinder verzoekt in zijn aangifte voor een deel van de winst om toepassing van de zogeheten bosbouwvrijstelling. In geschil is of hij terecht aanspraak maakt op deze vrijstelling. Het geschil spitst zich toe op de vraag of de instandhouding van de bomen op de voorgrond staat. De tuinder stelt dat dit het geval is en voert hierbij aan dat er niet meer wordt gekapt dan normaal bosbeheer meebrengt en dat het kappen zo nodig wordt gevolgd door herinplant. De inspecteur stelt dat er sprake is van een normale bedrijfsuitoefening waarbij het in stand houden van bomen niet op de voorgrond staat.

Rechtbank ’s-Gravenhage oordeelt dat de bosbouwvrijstelling niet van toepassing is aangezien bij X de verkoop van snijgroen op de voorgrond staat en niet de instandhouding van bomen. Vaststaat immers dat het bedrijfsproces erop gericht is om onder instandhouding van de bomen gedeelten daarvan af te scheiden en te verkopen. De rechtbank verklaart het beroep van X ongegrond

Of registreer je om te kunnen reageren.