315 x bekeken

Twaalf recepten voor inrichting landelijk gebied

De provincies zijn eruit: sinds vorige week hebben zij allemaal een nieuwe college van Gedeputeerde Staten en een coalitie-akkoord. De gemaakte afspraken over platteland en natuur verschillen soms zeer van elkaar en zijn ook niet altijd naar de zin van staatssecretaris Henk Bleker. Maar dat is nu eenmaal het gevolg van de door het kabinet gewenste decentralisatie van de inrichting van het landelijk gebied.

Ruim twee maanden na de verkiezingen hebben alle provincies een nieuw college van Gedeputeerde Staten (GS). Hoewel de VVD, partij van premier Mark Rutte, veruit de meeste gedeputeerden levert, is het regeerakkoord in veel gevallen geen blauwdruk gebleken voor afspraken in de regio. De programma’s van de twaalf provinciale coalities laten zien dat er niet zelden wordt afgeweken van de kabinetsplannen voor de toekomst van de landbouw, de bezuinigingen op de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en de voortgang van Natura 2000.

Met name het natuurbeleid is een heikel punt. Drie provincies – Flevoland, Noord-Holland en Friesland – staan niet achter het recent gesloten bestuursakkoord met het rijk. Zij vinden dat er nog te veel onduidelijk is over de gevolgen van de flinke bezuinigingen (zo’n tweederde van het budget). Hierover wordt momenteel druk onderhandeld met staatssecretaris Henk Bleker (landbouw). Halverwege volgende maand verwachten de partijen tot afspraken te komen.

Eén van de opvallendste beleidsvoornemens is dat van Flevoland, dat alsnog het Oostvaarderswold aan wil leggen. Bleker wil juist af van de robuuste verbindingszones, omdat deze volgens hem duur zijn en weinig natuurrendement opleveren. Hij heeft dan ook de geldkraan voor dergelijke projecten heel stevig dichtgedraaid. Het nieuwe college wil nu een consortium oprichten dat op zoek moet gaan naar alternatieve financieringsbronnen. Binnen een halfjaar presenteert Lelystad de eerste resultaten.

Ook in Drenthe zal naarstig worden gezocht naar private middelen om de bezuinigingen van het rijk op te vangen. Volgens gedeputeerde Rein Munniksma is dat noodzakelijk, omdat er zelfs voor het beheer van bestaande natuurgebieden ’een budget beschikbaar is dat de helft bedraagt van de kosten die wij gisteren betaalden’. Daarnaast wil de provincie de realisatie van de EHS over een langere periode uitsmeren; niet 2018 is het einddoel, maar 2027. Bleker is dit een zo mogelijk nog grotere gruwel dan de aanleg van het Oostvaarderswold.

In provincies als Limburg en Overijssel waait een geheel andere wind. Daar beschouwen de colleges de natuurafspraken in het regeerakkoord juist als een gegeven en peinzen er niet over op dat gebied eigen initiatief te ontplooien. Zo schrijven de coalitiepartners in Limburg geen koppen op nationale of Europese regelgeving te zullen dulden en wil Overijssel zelfs actief lobbyen voor een versoepeling van Natura 2000. In beide provincies krijgt de landbouw bovendien veel ruimte, en niet alleen de kleinschalige, duurzame tak.

Over beperkingen aan de grootte van stallen wordt in Maastricht en Zwolle niet gesproken. Noord-Brabant, Utrecht en Zeeland stellen wel grenzen aan de omvang van bouwblok en bedrijfsgebouw, terwijl andere provincies de door Bleker geïnitieerde maatschappelijke dialoog hierover willen afwachten. Pas nadat moderator Hans Alders (PvdA) in oktober zijn eindverslag heeft geschreven, komen zij met een eigen visie.

Wie de provinciale akkoorden doorleest, kan niet anders dan concluderen dat er twaalf heel verschillende plannen voor de inrichting van het landelijk gebied liggen. In sommige daarvan zal Bleker zich goed kunnen vinden, terwijl hij andere voornemens verafschuwt. Hoe dan ook is dit het logische gevolg van het regeerakkoord, waarin staat dat ruimtelijk beleid voortaan hoofdzakelijk een aangelegenheid van de provincies is. De enige manieren waarop het kabinet nog invloed kan uitoefenen, is door nog meer te bezuinigen, of juist extra geld beschikbaar te stellen. Beide lijken vooralsnog geen optie.

Flevoland: Anne Bliek (VVD), landbouw en natuur
Tegen de uitdrukkelijke wens van het kabinet in wil het nieuwe bestuur van de provincie Flevoland de omstreden ecologische verbindingszone Oostvaarderswold tussen de Oostvaardersplassen en het Horsterwold realiseren. Omdat er vanuit Den Haag geen geld voor dit project beschikbaar wordt gesteld, gaat de provincie op zoek naar private middelen. Binnen zes maanden moet er een consortium zijn samengesteld dat onderzoekt op welke wijze het project op een efficiënte wijze kan worden uitgevoerd. In dit consortium zitten naast de provincie in elk geval Wereld Natuur Fonds en Flevo-Landschap.
Landbouwstaatssecretaris Henk Bleker is niet blij met de plannen. Hij benadrukt dat boeren in het gebied hierdoor langer in onzekerheid komen te zitten. Daarnaast wil Flevoland een provinciaal debat voeren over de intensieve veehouderij. De uitkomsten daarvan zullen bepalend zijn voor het stellen van nieuwe kaders. Voorafgaand daaraan worden geen beperkingen opgelegd, zo stellen de vier coalitiepartijen.

Brabant: Yves de Boer (VVD), landbouw en natuur
De nieuwe coalitie in Noord-Brabant streeft naar een duurzame land- en tuinbouw en een vitaal platteland, waarbij economische dynamiek wordt gestimuleerd en gewenste ontwikkelingen niet gefrustreerd mogen worden door een te krap ruimtelijk beleid. Voor knelpunten rondom intensieve veehouderijbedrijven met een grote ammoniakbelasting op natuurgebieden, intensieve veehouderijen in extensiveringsgebieden en glastuinbouwbedrijven in kwetsbare gebieden wil het college van Gedeputeerde Staten maatwerk leveren. Het verbod op megastallen wordt door het nieuwe college voortgezet.
Noord-Brabant blijft bij het uitgangspunt om de Ecologische Hoofdstructuur te realiseren, al zal het over meerdere jaren worden gespreid. Het budget zal eerst worden ingezet voor het inrichten en beheren van aangekochte gronden. ”Enige flexibiliteit in begrenzing en natuurdoeltypen kan nodig zijn.” In gebieden waar de natuurdoelen niet voor 2018 gerealiseerd zullen worden, mogen agrarische bedrijven zich onder voorwaarden ontwikkelen.

Kees van Beveren (CDA), landbouw, en Sjoerd Heijning (VVD), natuur
De landbouw is van groot belang voor Zeeland, schrijven de nieuwe coalitiepartijen in hun programma. Binnen de kaders van verantwoord ondernemen moet er dan ook ruimte zijn voor schaalvergroting en intensivering. Verbreding wordt ondersteund, evenals de vlasteelt – ’een mooi Zeeuws product’.
Op het gebied van natuur is de provincie van plan een ’terughoudend’ beleid te voeren. Er worden geen gronden aangekocht, of andere nieuwe verplichtingen op dit vlak aangegaan. Tevens worden de subsidies aan natuur- en milieuclubs afgebouwd. ”Het provinciaal bestuur wil af van de situatie waarbij organisaties in stand worden gehouden met subsidies”, aldus het akkoord. Zoals verwacht is het nieuwe college tegenstander van het onder water zetten van de Hertogin Hedwigepolder, maar een besluit daarover ligt bij het kabinet. Een vierde verdieping van de Westerschelde behoort wat betreft Gedeputeerde Staten evenmin tot de mogelijkheden.

Zuid-Holland: Han Weber (D66), landbouw en natuur
Het nieuwe college van Gedeputeerde Staten stelt dat de landschappen van het Groene Hart van grote cultuurhistorische waarde zijn en daarom moeten worden behouden. De landbouw speelt hierbij een belangrijke rol. Agrarische ondernemers dienen de ruimte te krijgen zich te ontwikkelen en kunnen daarbij, indien zij dat op duurzame wijze doen, rekenen op extra steun van de provincie. Bouwpercelen mogen maximaal 2 hectare bedragen; dit voorkomt de komst van ’extreem grote gebouwen zoals megastallen’.
De aanwezigheid van voldoende zoet water voor landbouw en industrie acht het college van groot belang. In 2015 is de verdroging in de aangewezen natuurgebieden nagenoeg opgelost. Ondanks de bezuinigingen van het rijk moet uitbreiding van de Ecologische Hoofdstructuur mogelijk blijven. Beheer wordt zo veel mogelijk aan boeren en particulieren overgelaten, precies zoals ook het kabinet dat wil. Ontpoldering van nieuwe gebieden is in deze periode ’niet opportuun’.

Utrecht: Bart Krol (CDA), landbouw en natuur
De landbouw heeft in het coalitieakkoord van Utrecht een belangrijke rol voor behoud van de diversiteit en kwaliteit van het landschap. ”Blijvend toekomstperspectief voor de landbouw is daarom een vereiste”, schrijven de partijen in het akkoord. Ze willen ruimte bieden door verbreding van agrarische bedrijven toe te staan en de ontwikkeling van streekproducten, stadslandbouw en biologische landbouw te stimuleren. In Utrecht is een burgerinitiatief tegen megastallen aangenomen. Veebedrijven mogen niet groter dan 1,5 hectare bouwblok. In het landbouwontwikkelingsgebied zijn onder voorwaarden wel bedrijven toegestaan tot 2,5 hectare bouwblok. Dit voorjaar werd het Akkoord van Utrecht gesloten over de aanleg van natuur. De provincie wil tot 2018 1.500 hectare natuur realiseren. In de andere gebieden die eerder voor de Ecologische Hoofdstructuur werden aangewezen gebeurt dit alleen op basis van vrijwilligheid. De grondclaim gaat van deze gronden af. Het college wil de Agenda Vitaal Platteland doorvoeren, maar wel aanpassen aan het nieuwe (beperkte) budget.

Noord-Holland: Jaap Bond (CDA), landbouw en natuur
De coalitiepartijen noemen de waarde van de landbouw voor de provincie Noord-Holland groot. Niettemin stellen zij grenzen aan de groei van individuele bedrijven en de sector als geheel. Nieuwvestiging van intensieve veehouderijen is voortaan verboden, evenals de bouw van stallen met meer dan één bouwlaag. Bestaande bedrijven kunnen, afhankelijk van het gebied, uitbreiden tot 1,5 of 2 hectare.
Verder wil de provincie het areaal biologisch laten groeien tot minstens 7 procent, maar heeft nog geen concrete maatregelen geformuleerd over hoe dat te bereiken.
Op het gebied van natuur wil Noord-Holland, gezien de bezuinigingen van het kabinet, de doelstellingen van de Ecologische Hoofdstructuur ’herprioriteren’. Voor het oplossen van knelpunten van projecten die in de eindfase zitten, blijft budget beschikbaar.
Het nieuwe college van Gedeputeerde Staten zegt erop te rekenen dat het rijk zijn verantwoordelijkheden blijft nemen voor de internationale verplichtingen van Natura 2000.

Gelderland: Jan Jacob van Dijk (CDA), landbouw en natuur
De agrarische sector heeft behoefte aan duidelijkheid, stellen de coalitiepartners van de provincie Gelderland vast. Het collegeprogramma biedt die duidelijkheid evenwel nog niet, want aan landbouw worden weinig woorden vuil gemaakt. De provincie is van plan voor het einde van het jaar met een visie te komen.
De natuurparagraaf is wel een lang stuk geworden en de inhoud daarvan zal staatssecretaris Henk Bleker aanspreken. Het nieuwe college houdt vast aan het eindjaar 2018 voor de Ecologische Hoofdstructuur (EHS), ook al betekent dit een kleiner netwerk. Door gebieden die alleen tegen hoge kosten in stand kunnen worden gehouden, gaat een streep. Herverkaveling is voor de realisatie van de EHS een belangrijk instrument, mede in het licht van de herziening van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Natura 2000 is volgens de vier partijen in Nederland nagenoeg onwerkbaar en daarom moet het kabinet in Brussel aandringen op versoepeling van de regels; de begrippen haalbaar en betaalbaar dienen daarbij leidend te zijn.

Overijssel: Hester Maij (CDA) landbouw en natuur
Het nieuwe bestuur van Overijssel wil de landbouw ’in al zijn facetten’ ruimte bieden. In het college-akkoord staat dat het van provinciaal belang is dat veehouders een beroep kunnen doen op bestaande bouwpercelen in de Landbouw Ontwikkelingsgebieden. Op het gebied van natuur ondersteunen Gedeputeerde Staten de lijn van het kabinet. Dit betekent dat de Ecologische Hoofdstructuur in 2018 moet zijn afgerond en de robuuste verbindingszones worden geschrapt. Overtollige ruilgronden die geen bijdrage kunnen leveren aan gebiedsprocessen biedt de provincie te koop aan boeren en anderen aan.
Aan agrarisch- en particulier natuurbeheer kent het college ’een bijzondere betekenis’ toe. Op het gebied van Natura 2000 zet Overijssel in op vereenvoudiging van de regelgeving; daarvoor zal worden gelobbyd bij kabinet en Europese Unie. Het twee jaar geleden ingezette programma om asbestdaken van agrarische bedrijven te vervangen, wordt voortgezet; dit jaar kunnen zo’n honderd boeren deelnemen.

Drenthe: Rein Munniksma (PvdA), landbouw en natuur
Coalitiepartners PvdA en VVD in Drenthe zijn opmerkelijk kort over de agrarische sector in hun collegeprogramma voor de komende vier jaar: er wordt met geen woord over gerept. Dit ondanks het feit dat LTO-bestuurder Henk Brink deel uitmaakt van Gedeputeerde Staten (maar hij buigt zich over vervoer). Onder het kopje ’natuur en platteland’ spreken zij enkel over de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en Natura 2000.
De provincie geeft aan de herijking van de EHS, zoals geformuleerd door landbouwstaatssecretaris Henk Bleker, als beleidsdoel over te nemen. Dat is overigens in tegenspraak met de opmerking dat de realisatie van dit natuurnetwerk wordt ’getemporiseerd’ van 2018 naar 2027; Bleker wil juist geen doelen vooruitschuiven. Gezocht wordt nog naar (private) financiers om de bezuinigingen van het rijk op te vangen. Ook wil de provincie gebruik maken van ’creatieve oplossingen’ zoals de koppeling van het plattelandsprogramma met energiedoelstellingen, waterschaps­taken en groen-blauwe diensten.

Friesland: Johannes Kramer (FNP), landbouw en natuur
Samen met Flevoland heeft provincie Friesland nog geen definitief standpunt ingenomen over het eventueel stellen van grenzen aan de intensieve veehouderij; het nieuwe college wil de landelijke dialoog over megastallen afwachten. Die duurt nog zo’n anderhalve maand, waarna moderator Hans Alders rapport opmaakt.
De provincie benadrukt dat boeren altijd een grote bijdrage hebben geleverd aan de inrichting van het landschap en dat die rol behouden moet blijven. Daarbij is het wel van belang dat er een goede balans bestaat tussen landbouw en natuur. De sector moet daarom de kans worden geboden om anders te boeren, bijvoorbeeld door omschakeling naar biologisch of het leveren van groen-blauwe diensten. Met name melkveehouders, de grootste groep boeren in Friesland, kunnen rekenen op extra ondersteuning.
Er is nog een onderwerp waarop het college-akkoord van Friesland overeenstemt met dat van Flevoland; ook deze provincie blijft zich inzetten voor het realiseren van robuuste verbindingszones.

Groningen: Wiebe van der Ploeg (Groenlinks), landbouw en natuur
De coalitie in Groningen wil dat de provincie koploper wordt in duurzame ontwikkeling van de landbouw. De provincie wil vooral ruimte bieden aan ondernemers die een kwaliteitssprong willen maken waarin gezonde bedrijfsvoering samen gaan met dierenwelzijn, milieu, gezondheid, landschappelijke inpassing en grondgebondenheid. Schaalvergroting kan, zolang het in het landschap past en voldoet aan de milieu- en dierenwelzijnseisen.
Het nieuwe Groninger provinciebestuur wil in het kader van de megastallendiscussie in gesprek gaan met de sector en natuur- en landschapsorganisaties. Uitgangspunt hierbij is een evenwicht tussen ontwikkeling van de sector en de andere functies van het landelijk gebied, zoals wonen, toerisme, natuur en landschap. Glastuinbouw mag alleen onder voorwaarden in de Eemshaven. Bij de Ecologische Hoofdstructuur richt Groningen zich in eerste plaats op het optimaliseren van het beheer, vervolgens op optimalisatie van inrichting van de al aangekochte gebieden en vervolgens de aankoop van ontbrekende schakels.

Limburg: Natuur, landschap en ruimtelijk beleid bij CDA, precieze portefeuilleverdeling nog niet bekend
In de enige provincie waar de PVV deel uitmaakt van het college van Gedeputeerde Staten lijkt het voor boeren goed toeven. Limburg wil de komende jaren ’ruimte bieden aan een moderne, toekomstgerichte agrarische sector’. Het zwaartepunt ligt in glastuinbouwconcentratiegebieden en landbouwontwikkelingsgebieden, maar ook daarbuiten moeten boerenbedrijven kunnen blijven bestaan. Verbredingsinitiatieven zoals agrotoerisme en de promotie van streekproductie juicht de provincie toe en voor het leveren van diensten aan de samenleving op het gebied van bijvoorbeeld dierenwelzijn, diergezondheid en milieu- en waterbeheer worden ondernemers extra beloond. Op welke wijze is echter nog niet bekend. Op het gebied van natuur is Limburg zeer terughoudend. Het nieuwe bestuur wil geen koppen op nationale of Europese wet- en regelgeving. Bestaande faciliteiten zoals de sloopregeling voor stallen en de oudglasregeling worden voortgezet.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.