Redactieblog

257 x bekeken

Ego boven eco belemmert verduurzaaming

De consument heeft belangstelling voor duurzame producten, maar koopt deze niet altijd omdat er ook andere belangen spelen. Door op zijn afwegingen in te gaan, moet de duurzaamheidsslag beter gemaakt worden.

Waarom koopt de consument het ene voedselproduct wel en het ander niet? Die vraag staat centraal in de Voedselbalans.

Nederland wil duurzamer. Ondernemers willen duurzamer produceren, de overheid wil dat er duurzamer wordt geproduceerd en de consument staat open voor meer duurzame producten. Toch constateren onderzoekers dat de duurzaamheidsslag sneller kan. Dit kan het beste door concepten die werken, zoals vlees met het zogenoemde Beter Leven kenmerk van de Dierenbescherming en de Volwaard Kip, versterken en uit te breiden.

De consument speelt een cruciale rol bij de verduurzaming van de voedselketen. Een duurzaam concept staat of valt bij de acceptatie van de consument.

Consumenten baseren de keuze van de aankoop van een product op twaalf aspecten. Gezondheid, betaalbaarheid en smaak zijn daarbij de drie belangrijkste, gevolgd door veiligheid, gemak en het gevoel bij de aankoop. Duurzaamheidsapecten als eerlijk geproduceerd, diervriendelijk en milievriendelijk staat pas in de tweede helft van afwegingen. ”Ego gaat boven eco”, concludeert onderzoeker Gé Backus van landbouweconomisch instituut LEI van Wageningen Universtiteit. Gewoonte blijkt bovendien een belangrijke rol te spelen. Duurzaamheid speelt daarin nog geen rol”, aldus Backus.

Voor het veranderen van gewoonten zijn vooral druk vanuit de sociale en fysieke omgeving van invloed. Vanuit de sociale omgeving is echter weinig druk om duurzaam te kopen. Door duurzame producten goed beschikbaar en makkelijk bereidbaar te maken, kan de aankoop ervan wel gestimuleerd worden.

Bij de consumenten die duurzaamheid belangrijk vinden bij de aankoop van voedsel, speelt dierenwelzijn de belangrijkste rol. Dierenwelzijn wordt belangrijker gevonden dan eerlijke productie en milieu.

De aanbieders van producten, de supermarkten en de producenten van voedsel, vinden duurzaamheid een belangrijk thema. ”We zien dat het bij vrijwel alle bedrijven op de agenda staat. Maar het is nog niet gekomen tot actiepunten”, zegt Backus. De onderzoekers ervaren wel dat duurzaamheid voor bedrijven steeds meer een zakelijke afweging wordt, omdat er geld mee verdiend kan worden. Vooral klantgerichte bedrijven zetten in op duurzaam. Verduurzaming in het bedrijfsleven gebeurt vooral achter de schermen, op het gebied van energiebesparing en gezondheid.

Aanpassingen op het gebied van dierenwelzijn worden in het praktijk het minst gemaakt. De onderzoekers concluderen dat de ondernemers niet snel communiceren over duurzaamheid. Hierbij speelt het risico op reputatieschade, wanneer alles nog niet helemaal op orde is, een grote rol. Deze maatschappelijke druk, van met name maatschappelijke organisaties als Wakker Dier en de Dierenbescherming, heeft veel effect op het handelen van bedrijven, in tegenstelling tot het effect van sociale druk op de consument. Deskundigen zien voor de maatschappelijke organisaties dan ook een belangrijke rol als aanjager van het duurzaamheids-vliegwiel. De organisaties doen er daarbij goed aan om verder te kijken dan de enkelvoudige doelstellingen die de organisaties vaak hebben.

”Maak een lijst met de honderd meest en de honderd minst duurzame producten. Op die laatste lijst wil niemand staan en dus zal er hard aan getrokken worden om niet op die lijst te komen. Daarmee gaat de ondergrens van de duurzame producten omhoog”, aldus Joost Reus van het ministerie van landbouw. Onderzoeker Backus benadrukt dat ook het positief benaderen van bedrijven die het wel goed doen een positief effect heeft. ”Van naming en shaming naar naming en faming.”

Om de verduurzaming verder door te zetten moeten bedrijven ervoor zorgen dat duurzame producten ook lekker, en goed verkrijgbaar zijn. ”Meer duurzaamheid als de norm”, adviseert Backus. Maatschappelijk organisaties kunnen de verduurzaming stimuleren door verder te gaan dan de enkelvoudige standpunten waar ze nu op wijzen en door positieve aandacht voor bedrijven die het goed doen. ”Ze moeten over gaan tot naming en faming”, vindt de onderzoeker.
De rol van de overheid in het verduurzaamingsvraagstuk is beperkt. Haar belangrijkste taak is ervoor te zorgen dat er geen tegenstrijdige regelgeving is die innovaties in de weg staan.

Staatssecretaris Henk Bleker van landbouw staat achter deze visie. Ik wil de consument niet gaan verleiden om sterrenvlees te gaan eten. Dat is niet overtuigend en daar zijn we als overheid ook niet goed in, maatschappelijke organisaties en producenten kunnen dat beter. De overheid wil wel faciliteren bij overleggen, maar verder is onze taak vooral om niet in de weg te lopen.”

Voedselbalans is handvat voor verduurzaming
Het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (ELI) wil de voedselketen verduurzamen. De consument en aanbieders van voedsel spelen hierbij een sleutelrol. In de Voedselbalans hebben onderzoekers in opdracht van het ministerie in beeld gebracht waarom consumenten bepaalde keuzes maakt als het gaat om voedsel. Achterliggende gedachte is dat de overheid en het bedrijfsleven de voedselketen willen verduurzamen.
De Voedselbalans is deze week voor de eerste keer gepresenteerd. De voortgang in dit proces zal in vervolgrapporten worden aangegeven. De Monitor Duurzaam Voedsel is een bundeling van het jaaroverzicht van het Platform Verduurzaming Voedsel, de monitor Duurzam Dierlijke Producten en de Bio-monitor.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.