74 x bekeken

In verkiezingstijd mag minister even geen partijpoliticus zijn

Verloren tijd, noemt het Zeeuwse Statenlid Johan Robesin het dinsdag gehouden debat in de Tweede Kamer over zijn bezoek aan het Torentje. Want waarom zou hij niet met Mark Rutte mogen spreken over de aanstaande Senaatsverkiezingen? De premier denkt daar hetzelfde over; hij ziet het als zijn taak het kabinet waaraan hij leiding geeft in de Eerste Kamer aan een meerderheid te helpen. Dat klinkt logisch, maar toch is de oppositie furieus.

Hoe zat het ook al weer met de zetelverdeling in de Senaat? Op 23 mei kiezen de Provinciale Staten de leden van de Eerste Kamer. De coalitiepartijen komen op eigen kracht niet verder dan 37 zetels, één te weinig voor een meerderheid. Voor Rutte is het dus van belang Statenleden van de oppositie tot vreemdgaan te verleiden. Toen Robesin, fractievoorzitter van de Partij voor Zeeland, aankondigde wellicht niet op zijn eigen Onafhankelijke Senaatsfractie (OSF) te zullen stemmen, rook de premier zijn kans.

Het gesprek in het Torentje, waar ook Geert Wilders bij aanwezig was, had natuurlijk buiten de publiciteit moeten blijven. Robesin koos er echter voor zijn verhaal bij Nieuwsuur te doen en vertelde en passant ook nog eens dat er tevens is gesproken over regionale kwesties, lees: de Hertogin Hedwigepolder. Bij velen riep dat de vraag op of Rutte zijn stem heeft gekocht met de belofte af te zien van de ontpoldering.

Het antwoord is nee, stelde hij tijdens het debat bij herhaling. Uiteraard is over dat onderwerp gesproken, maar er zijn geen deals gesloten. Robesin bevestigt die lezing. Niettemin blijft de oppositie argwanend. Volgens PvdA-leider Job Cohen is de schijn van achterkamertjespolitiek ontstaan en heeft Rutte die niet kunnen wegnemen. De premier heeft daarmee zijn ambt schade toegebracht, vindt hij.

Het is niet de eerste keer dat de Kamer een bewindspersoon in verkiezingstijd op de vingers tikt wegens vermenging van partij- en algemeen belang. Recent moest minister van Maxime Verhagen (EZ) door het stof, omdat hij zijn ambtenaren opdracht had gegeven tot het schrijven van een campagnespeech. Toenmalig minister Gerda Verburg (landbouw) kreeg het vorig jaar zwaar te verduren toen zij in de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen een naar haar vernoemde glossy uitgaf. Volgens het parlement stak zij daarmee publieke middelen in een politieke publicatie.

De SGP – tegen ontpoldering en gedoogpartner van het kabinet – tilt wat minder zwaar aan de zaak. Hoewel van een premier enige terughoudendheid mag worden verwacht, zou de Tweede Kamer volgens die partij bij naderende verkiezingen wel wat meer coulance kunnen tonen.
Ondertussen rest de vraag of het gesprek het gewenste resulaat heeft opgeleverd. In elk geval is Rutte er in geslaagd Robesin ervan te overtuigen op een regeringspartij te stemmen. Het valt echter te betwijfelen of de premier daar iets mee opschiet. Hij heeft namelijk nóg een aantal vreemdgangers nodig om de OSF van een zetel te beroven ten gunste van de coalitie. En als dat niet lukt, is niet zozeer het Kamerdebat verloren tijd geweest alswel het inmiddels beruchte overleg.

Of registreer je om te kunnen reageren.