Redactieblog

424 x bekeken

Limburg wil de beste veehouderij

De land- en tuinbouw speelt een belangrijke rol in de economie van Limburg. De veehouderij is verantwoordelijk voor 5 procent van het provinciaal economisch product. Reden genoeg voor de provincie Limburg om extra aandacht te besteden aan de ontwikkeling van deze sector.

De Limburgse veehouderij moet de beste van Nederland worden. Dat is de doelstelling van de provincie Limburg en boerenorganisatie LLTB. In de Verklaring van Roermond 2010 hebben ze deze gezamenlijke doelstelling geformuleerd.

Deze week is in Roermond het startschot gegeven voor de uitwerking van deze verklaring. Het project is een samenwerking van de provincie Limburg en de LLTB, waarbij ook de Rabobank, Vion, FrieslandCampina, voerleveranciers, Wageningen UR, GGD en andere partijen participeren. De agribusiness praat mee in de discussie over de toekomst van de veehouderij.

De provincie Limburg heeft veel aandacht voor de ontwikkeling van de land- en tuinbouw. Dat is niet voor niets. Alleen het veehouderijcomplex zorgt al voor 5 procent van het provinciaal economisch product. Vanwege de voorspelde leegloop van de provincie en de gevreesde afname van de werkgelegenheid wil het provinciebestuur graag meewerken aan de ontwikkeling van de veehouderij.

In de Verklaring van Roermond is afgesproken om in Limburg een veehouderij te realiseren die op het hoogste niveau presteert als het gaat om milieu, dierenwelzijn, gezondheid, geur en ruimte, maar ook het inkomen van de boer en het toekomstperspectief voor de sector. De weg hiernaartoe is een proces van gesprek en discussie. In themawerkgroepen mag iedereen meepraten.

”Om dit tot een succes te maken hebben we draagvlak nodig. Draagvlak wordt niet gemaakt in de gemeenteraad of bij provinciale staten. Dat doe je met burgers en boeren in het veld”, zegt gedeputeerde Ger Driessen van de provincie Limburg. ”We moeten niet alleen kijken naar regels, maar ook bij het gevoel bij de regels”, aldus Driessen.

Tijdens de bijeenkomst presenteerden drie Limburgse veehouders hun innovatieve bedrijfsplannen. De ondernemers stuiten met hun plannen echter op het vergunningen­traject. Zo wil Co Hartman uit Heibloem een loopstal bouwen voor zijn melkkoeien waarvan het dak open kan en waarbij de koeien lopen op een laag houtsnippers en compost, met afzuiging onderin het bed. ”Het is beter voor het welzijn, voor de geur, je ontwikkelt een betere meststof en het is beter voor de diergezondheid. Volgens berekeningen van de Wageningen UR levert dit systeem jaarlijks 20.000 euro meer op. Alles is positief, maar de gemeente is er nog niet klaar voor”, ervaart Hartman.

”Dat is nu precies waarom we de Verklaring van Roermond hebben opgesteld. We willen breed overleg, zodat alle gemeenten en de provincie meer op één lijn komen in de denkwijze over de veehouderij. Al moeten we natuurlijk wel kijken naar de mogelijkheden op iedere locatie”, legt Pierre Raeven van de provincie Limburg uit.

Hij vult aan dat tot nu toe de balans in het veehouderijbeleid niet altijd even goed was. ”Er was te veel focus op milieu en te weinig op de mensen en de economie achter de bedrijven. Dat willen we nu rechttrekken.”

Na het eerste overleg willen LLTB en de provincie op 1 maart, de dag voor de statenverkiezingen, met een plan van aanpak te komen. De provincie Limburg trekt 4 miljoen euro uit voor ontwikkeling van de veehouderij: 2 miljoen voor duurzame stalsystemen, 1 miljoen euro voor een sloopregeling van stallen en kassen en 1 miljoen voor de operationele kosten van het project.

”Het voordeel voor de veehouders van het Verdrag van Roermond is dat ze maatschappelijk draagvlak en waardering krijgen van de omgeving. Dit is een belangrijke motivatie en zorgt ervoor dat de boer zijn energie kan richten op het bedrijf”, aldus voorzitter Noud Janssen van de LLTB.

Agribusiness ook lid bij LLTB

De Limburgse Land- en Tuinbouworganisatie LLTB heeft een speciaal lidmaatschap voor bedrijven uit de agribusiness. ”We hebben nu ruim zeventig leden”, aldus voorzitter Noud Janssen (foto) van de LLTB. Het lidmaatschap van de agribusiness is bedoeld om te komen tot kennismaking, netwerken en informatie-uitwisseling. ”De LLTB treedt beslist niet op als belangenbehartiger of brancheorganisatie voor de agribusinessleden”, aldus de LLTB.
Met de samenwerking wil LLTB werken aan een gezonde agrarische sector in de meest brede zin van het woord. Alle bedrijven uit het agrarisch bedrijfsleven en bedrijven die belang hebben bij de Limburgse agrarische sector kunnen lid worden. Het bestuur van LLTB beoordeelt of een bedrijf lid kan worden of niet.
LTO Nederland gaat in de nieuwe structuur de banden met de agribusiness ook aanhalen. Bij LTO Nederland kunnen agribusinessbedrijven geen lid worden, het gaat om samenwerking. Met meer aandacht voor de totale keten verwacht LTO Nederland de belangen van boer en tuinder beter te kunnen behartigen.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.